De Friese renaissance


Friesland, de vreemde eend in Nederland, wordt niet langer als uitschot aanzien. Wie nu aan Fryslân denkt, hoort niet langer loeiende koeien, maar gabbermuziek. De Friese renaissance is ingezet en dat is maar aan één factor te wijten: Joost Klein.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 11/12/2023 – 7:08 door Bram Maes

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Fans van Joost zijn over­al te vin­den

Van Ams­ter­dam tot Antwer­pen, van Leeuwar­den tot Eind­hoven. In iedere con­certza­al waar Friesen­jung Joost neer­strijkt, wor­den seis­mol­o­gis­che trillin­gen geme­ten die zelfs een IJs­landse vulka­an niet kan teweeg­bren­gen. Met mosh­pits, gastop­tre­dens van Acid en af en toe een Duits inter­mez­zo kri­jgt iedere con­cert­ganger waar voor zijn geld. Maar wat is nu het geheim van zijn suc­ces?

Meerdere fac­toren spe­len een rol, maar de kracht van pub­liek mag niet onder­schat wor­den. Joost maakt al sinds zijn puber­ti­jd film­p­jes op YouTube. Veel fans zijn dus als het ware met hem opge­groeid. Boven­di­en wor­den zijn fans ook wel leden van de ‘pech­gen­er­atie’ genoemd. Tij­dens de coro­na-epi­demie werd hun knal­drang op de proef gesteld en dat heeft miss­chien wel geleid tot een meer uit­bundi­ge muziek­cul­tu­ur. Hoe dan ook, Joost beant­wo­ordt de vraag van zijn pub­liek en geeft het knots­gekke stro­fes en beats.

‘De prins van de gab­ber­pop’ veran­dert wel degelijk de rol van Fries­land

Niet enkel in Ned­er­land is hij razend pop­u­lair, maar ook in Vlaan­deren verkoopt hij iedere con­certza­al uit. Dat Ned­er­landse arti­esten bij de zuider­bu­ren pop­u­lair zijn, is al langer een gek­end fenomeen. Denk maar aan Frans Bauer en rap­pers als Boef. Maar dít is net iets anders. Joost is immers archi-Fries en hele­maal niet te vergelijken met Vlaamse ster­ren zoals Bazart of Pom­melien. Zou het kun­nen dat de Vlam­ing Joosts muziek met dichtwerk als “Ik ben geen kwik, kwek, kwak, nee ik hou m’n snater dicht,” net ver­fris­send vin­dt?  

Love it or hate it, het is alleszins een feit dat ‘de prins van de gab­ber­pop’ de rol van Fries­land wel degelijk veran­dert. Niet enkel onze per­cep­tie van de Noord-Ned­er­landse provin­cie wordt bijgesteld. Door oor­wor­men als ‘Frys­lân Bop’ en het Duit­stal­ige ‘Friesen­jung kri­jgt Fries­land boven­di­en meer naams­bek­end­heid in het buiten­land. In Duit­s­land stond ‘Friesen­jung’, zelfs enkele weken bove­naan de hitli­jsten. Vergelijk het met een lied over de West­hoek dat opeens mas­saal gespeeld wordt in Enge­land. 

Fries­land, Ned­er­land en Vlaan­deren zijn alvast veroverd. Nu lonkt de rest van Europa. In feb­ru­ari 2024 treedt Joost Klein op in Berli­jn en Zürich. In mei lonkt als kers op de taart mogelijks het podi­um van Euro­vi­sion in Malmö. Veel kun­nen we daar nog niet over kwi­jt, enkel dat indi­en dat door­gaat, de Vlaamse jeugd alvast douze points aux Pays-Bas schenkt.