Protest in de put?


Burgers komen op voor hun rechten. De laatste decennia hebben we protesten voor het milieu, voor meer menselijkheid. Door mannen, vrouwen, non-binairen, studenten, vakbonden en zelfs clowns. Maar why even bother?

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 17/02/2021 – 22:29 door Collin Car­don­Sander Muy­laert

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Protesten zijn er in alle soorten en mat­en, maar de laat­ste jaren lijken protesten weinig te bereiken of op zijn minst snel uit te doven. In dit artikel nemen we his­torische en actuele voor­beelden onder de loep. We neste­len ons op de bank bij de psy­choloog en op de zold­erkamer van de filosoof en gaan op zoek naar antwo­or­den.   

Tussen de archieven van de historicus

De schi­jn­baar sim­pel­ste verk­lar­ing komt hier als eerste aan de beurt: zijn protesten gewoon passé? Let­ter­lijk mil­len­nia gele­den werd de prille Romeinse Repub­liek geplaagd door schuld­slav­ernij, en nadat een vuile ex-cen­tu­ri­on met schulden begon te kla­gen dat hij beter af zou zijn bij de vijan­den van Rome, begon het volk te murme­len. Wan­neer er nog stren­gere wet­ten kwa­men, kook­te de pot over. Het plebs legde hun werk­tu­igen neer en ruilden de stad in voor de Mons Sacra. ‘Home Alone’ avant la let­tre, met in plaats van een pien­tere tween, de rijk­ste burg­ers van Rome die niet wis­ten wat aan te van­gen zon­der de rest van hun burg­ers. Schoor­voe­tend kwa­men ze onder­han­de­len, en verkreeg het plebs meer macht. Het werk­te zo goed dat ze het over de komende 250 jaar nog vier keer her­haalden. Spon­taan wild­kam­peren op de Bland­i­jn­berg, iemand?

Betogin­gen bleven meestal spon­taan, tot diep in de negen­tiende eeuw, met afwis­se­lend belast­ingsrellen en de iets min­der doorde­weekse rev­o­lu­ties. Met de opkomst van bureau­cratie, cen­tralis­er­ing en steeds ver­slechterende school­maalti­j­den vond er een evo­lu­tie plaats van spon­tane acties naar gep­lande marsen door de straat, bezettin­gen van open­bare gebouwen en, voor de echte durvers, park­ings. Het inter­net zorgde voor een nog grotere mobil­isatie, en buiten 2010 zien we bijvoor­beeld bij onze noorder­bu­ren een steeds grot­er aan­tal protesten, dix­it soci­ologe Jacquelien van Steke­len­burg.

Spon­taan wild­kam­peren op de Bland­i­jn­berg, iemand?

Maar lei­d­de dit tot suc­ces? Van Steke­len­burg zegt van wel, der­tig pro­cent van de protesten zou hun doel behalen. Maar pro­fes­sor Jan Dumolyn, pro­fes­sor in de geschiede­nis aan onze uni­ver­siteit, was een aan­tal jaar gele­den in een inter­view met Scham­per pes­simistis­ch­er. Vol­gens hem hebben protesten te mak­en met een gevoel van anti­syn­di­cal­isme: er is een lak aan struc­tu­ur, waar­door ini­ti­atieven vaak uit­doven na een protest. Het inter­net dat mensen verbindt zorgt ook voor meer anon­imiteit en deel­ne­mers die meer hun geweten willen sussen dan een doel vooruit helpen. 

In de zetel bij de psycholoog

We hebben vaak de neig­ing onszelf beter te begri­jpen door mid­del van een vergelijk­ing met de ander. Als dit oordeel negatief is, voe­len we ons teko­rtgedaan. Dit gevoel van achter­stelling heet in de sociale psy­cholo­gie ‘relatieve depri­vatie’. Het is gegrond in een sub­jec­tieve afweg­ing: we plukken ele­menten willekeurig uit ons lev­en en vergelijken deze met andere mensen. Een iet­wat pien­tere pro­fes­sor houdt bijvoor­beeld, met deze redener­ing in het achter­hoofd, de pun­ten bewust zo laag mogen­lijk om onvrede te ver­mi­j­den. 

Als je in je een­t­je gaat pro­test­eren in de strat­en van onze hoofd­stad, maak je even­veel indruk als de zoveel­ste door­tocht van Marc Van Ranst in ‘De Afspraak’. Doort­je heeft het geprobeerd en het is niet goed afgelopen (“Nee tegen bok­sen, bok­sen is bar­baars!”). Daarom moet menig vision­air, andere gelijkgestemde zie­len vereni­gen om een groep te vor­men. De vision­air probeert een inge­beelde gemeen­schap van mensen te vor­men. Hoewel de leden elka­ar niet per­soon­lijk ken­nen, voe­len ze zich toch ver­bon­den. Door deze inge­beelde gemeen­schap bouwen mensen een sociale iden­titeit op. Toen de Notre-Dame van Par­i­js afbrandde, schreef Macron op Twit­ter “Een deel van ons staat in brand”. 

Als je tot col­lec­tief protest wilt over­gaan, komt het in essen­tie neer op groepsvorm­ing. Een sterke sociale iden­titeit zorgt ervoor dat mensen hun gemeen­schap­pelijk belang inzien. Een gedeeld belang vormt dan de voed­ings­bo­dem voor krachtig protest. Als de groep een­maal ‘ja’ heeft gezegd, is het ver­domd lastig om op je een­t­je ‘nee’ te zeggen. Wat bestel jij op je eerste feestje, een pin­t­je of een kriek? Zorgt deze groeps­druk tot con­for­matie dan miss­chien voor min­der inzet?

Op de zolderkamer van de politieke filosoof

In de poli­tieke filosofie draait het om macht. Eeuwen­lang waren de spel­regels vol­gens Machi­avel­li een­voudig. Macht is stri­jd en stri­jd is immoreel. Vijf eeuwen lat­er hebben de ‘Peaky Blind­ers’ deze lev­enswi­jze tot een kun­st ver­heven. Geweld was vaak een mid­del om tot sociale veran­der­ing te komen. In het verleden ver­liep de weg naar enkelvoudig stem­recht of de afschaffing van de slaven­han­del niet zon­der slag of stoot. “Geweld is de vroed­vrouw van de nieuwe maatschap­pij”, zei Marx. De vroed­vrouw is van­daag nog niet van haar taak ver­lost. Vor­men van geweld zoals geheime aan­houdin­gen en opsluitin­gen zijn nog steeds scher­ing en inslag. Bijvoor­beeld in de lan­den Wit-Rus­land, Rus­land, Afghanistan, Myan­mar of Chi­na wor­den mensen die voor vri­jheid stri­j­den van hun vri­jheid beroofd. 

Porse­leinen woor­den als bind­mid­del voor een verdeeld volk, zo helpt poëzie

Hebben de Peaky Blind­ers, Machiavelli’s en de bizon­man­nen van deze wereld dan toch gelijk? Is geweld­loos protest gedoemd om te falen? Neen, geweld­loos protest is even krachtig. Dit blijkt uit een recente studie van de Har­vard-pro­fes­sor Eri­ca Chenoweth.  ‘Make love not war’, is een leuze die niet enkel de hip­pies scan­deer­den. His­torische fig­uren zoals Man­dela, Gand­hi, Mer­ton of King toon­den dat het kan. Er zijn ook actuele voor­beelden. In de glob­al vil­lage van de eenen­twintig­ste eeuw is een bor­d­je met de tekst ‘skol­stre­jk för kli­matet’ genoeg om (een deel van) de wereld wakker te schud­den. Iets soort­gelijks gebeurde tij­dens de inau­gu­ratie van Biden. De tweeën­twintig jarige Aman­da Gor­man schreef een krachtig gedicht van hoop en ver­zoen­ing. Porse­leinen woor­den als bind­mid­del voor een verdeeld volk, zo helpt poëzie.

Machi­avel­li schreef ooit: “onge­wapende pro­feten gaan ten onder”. Inder­daad, som­mige gaan ten onder. Zij ver­welken als een ver­dorde ker­st­boom een eind­je na nieuw­jaar. Maar som­mige ‘onge­wapende pro­feten’ sla­gen wel in hun opzet. Zij zetten een stap dichter naar het, in hun ogen, ‘beloofde land’. Miss­chien is de vraag niet of protesten nog werken, maar eerder hoe onze gen­er­atie geweld­loos prob­le­men aankaart en bevecht.