Mental lockdown


Onze alma mater draagt studentenwelzijn hoog in het vaandel. Of dat beweert ze toch. Maar hoe zit het nu echt met de studenten, en wat wordt er sinds de coronacrisis gedaan om hen te helpen het hoofd boven water te houden?

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 2/11/2020 – 10:08 door Lies De Mid­deleerAn­toon Van Ryck­eghem

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Ten­z­ij je Joël De Ceu­laer heet, ver­baast het je niet dat de stu­dent het de laatst tijd niet gemakke­lijk heeft. “Het is hier de laat­ste jaren nog nooit zo druk geweest”, zegt Sarah Ver­meer­sch. “Maar die toe­name is er al sinds sep­tem­ber: zow­el wat betre­ft de toe­stroom in train­in­gen als in het vra­gen naar indi­vidu­ele begelei­d­ing.”

Waarom heeft de student het zo moeilijk?

Voor alle Joëls onder ons begin­nen we toch maar even bij het begin. Waarom heeft de stu­dent het zo moeil­ijk? “We zit­ten in een peri­ode die heel veel meer van stu­den­ten vraagt, ter­wi­jl alle vor­men van ont­lad­ing weg zijn. Voeg daar­bij het feit dat stu­den­ten nu weinig per­spec­tief hebben, en je hebt een ander ver­haal”, begint Ver­meer­sch.

“Ik maak mij als stu­den­tenpsy­choloog een beet­je zor­gen”

“De eerste lock­down was zwaar, maar toen kon iedereen nog zeggen: ‘Oké we steken een tand­je bij en we hebben een leuke zomer­vakantie.’ We had­den ergens een eind­da­tum, ter­wi­jl we nu ergens ingaan en totaal niet weten waar we gaan uitkomen. Dus ik vind het nu eigen­lijk een stuk zwaarder. Het is een her­val en dat put uit”, ver­vol­gt Ver­meer­sch. “Het is een ander ver­haal, daarom maak ik mij als stu­den­tenpsy­choloog een beet­je zor­gen.”

¡Ay Corona!

Als je je niet goed in je vel voelt, of met chro­nis­che stress zit, bieden de stu­den­tenpsy­cholo­gen van de UGent eerstelijn­shulp aan. Er is een groot aan­bod aan train­in­gen, de mogelijkheid tot indi­vidu­ele begelei­d­ing, en een zeer toe­ganke­lijke Ufor­a­site met aller­lei tips en tricks. “We hebben een mod­ule gemaakt die ‘Ay Coro­na’ noemt. Daar staan alle zak­en rond coro­na op ver­meld die belan­grijk zijn voor stu­den­ten. Dat gaat zow­el over studiegere­la­teerde als niet-studiegere­la­teerde zak­en. Op die Ufor­a­site zijn oriën­tatie en tips en tricks te vin­den rond stress, zelf­zorg, oefenin­gen die je kunt doen, hoe je kan merken wan­neer iemand zich niet goed voelt en welke sig­nalen die uitzendt en hoe je die per­soon dan kan doorver­wi­jzen.”

Vind je sociaal leven opnieuw uit

“Alles van ont­lad­ing waar een stu­dent vroeger uit kon kiezen, zoals een keer op café gaan of uit­gaan, een keer met vrien­den afspreken of samen sporten: dat is alle­maal weg”, gaat stu­den­tenpsy­choloog Ver­meer­sch verder. Ze pleit er dan ook voor om je soci­aal lev­en opnieuw uit te vin­den. “Het gevaar aan die neg­a­tiviteit en je down voe­len, is dat je in een soort pas­siviteit ger­aakt. En dat mag je niet doen. Ik denk dat het belan­grijk is om te erken­nen dat je in die neg­a­tiviteit zit en echt wel din­gen gaat zoeken waar­van je vanu­it die neg­a­tiviteit miss­chien eerst geen zin hebt om te doen, maar waar­van je dan achter­af iets gaat hebben van “Goh, dat heeft me eigen­lijk wel deugd gedaan om even gewoon te lachen.” We gaan zulke surrogaathobby’s moeten opzoeken in de donkere peri­ode die eraan komt.

“We moeten momenten inlassen waarin we onnozel doen”

Als voor­beeld voor sur­ro­gaathob­by’s noemt Ver­meer­sch onder andere samen Zum­bavideo vol­gen, een Net­flix-par­ty met chat houden, online scrab­blen, en coro­n­abin­go spe­len. “Dat zijn alle­maal din­gen die je in eerste instantie miss­chien zou afbreken, omdat je dat in een nor­maal lev­en alle­maal niet doet, maar het is nu geen nor­maal lev­en. Ik denk dat we echt moeten zoeken naar momenten waarin we kun­nen lachen, dat we kun­nen plezi­er mak­en, dat we eens alles van ons kun­nen afschud­den, omdat dat echt momenten zijn waaruit we heel veel energie halen. Lachen zorgt ervoor dat er heel veel goede stof­fen in je brein wor­den aange­maakt. Dat ver­hoogt je draagkracht en zorgt ervoor dat je de dag erop weer tegen een stoot­je kunt. Ik denk dat het gevaar­lijk is nu, dat we het alle­maal veel te serieus oppakken. Ik denk dat we echt momenten moeten inlassen waarop we onnozel doen en wat lachen met elka­ar, maakt niet uit via welk medi­um.

Roeien met de riemen die we hebben

Maar het is niet alle­maal rozengeur en maneschi­jn, want wie nu een afspraak bij de stu­den­tenpsy­choloog wilt, moet drie weken geduld hebben. “Cri­sis­sen, daar mak­en we alti­jd tijd voor. Wan­neer stu­den­ten zeggen ‘Ik moet sneller ergens terecht kun­nen’, dan kun­nen zij ons alti­jd mailen en wij zetten dan iets op mail. Het ver­schil daarin is dat we natu­urlijk niet heel het ver­haal kun­nen beluis­teren, maar dat is ook niet alti­jd noodza­ke­lijk.” Aan de goede wil ligt het alleszins niet, maar de drie weken lange wachtrij is er natu­urlijk wel. “We moeten roeien met de riemen die we hebben. We werken nu met vijf psy­cholo­gen en onze agenda’s zit­ten stam­pvol.”

“We werken nu met vijf psy­cholo­gen en onze agenda’s zit­ten stam­pvol”

“Er heeft zich wel een nieuwe werk­groep gevor­md onder de onder­wi­js­raad, werk­groep ‘welz­i­jn bij stu­den­ten’, waar ver­schil­lende pro­fes­soren, actoren, stu­den­ten, wij als afdel­ing studiead­vies, pro­fes­soren met exper­tise en de vicerec­tor in zit­ten. Deze groep rap­por­teert aan de onder­wi­js­raad en kop­pelt terug welke ini­ti­atieven we genomen hebben. Maar wie goed tussen de lij­nen kan lezen merkt dat mankracht er het groot­ste zor­genkind­je is. “Inder­daad, we hebben er nog geen extra per­son­eel bijgekre­gen. Maar daar komt gelukkig snel veran­der­ing in, want er is een zes­de stu­den­tenpsy­choloog op komst. Eén extra psy­choloog is lang niet vol­doende hoor. Maar toch, we zijn zek­er blij met de ver­sterk­ing.”

Geen geld?

Wat je vaak hoort, is dat stu­den­ten wel besef­fen dat ze hulp nodig hebben, maar er de finan­ciële mid­de­len niet voor hebben. Dan komt de Sociale Dienst van onze uni­ver­siteit in beeld. “Als je thuis het bud­get niet hebt, kan je – met of zon­der het medeweten van je oud­ers – beroep doen op de Sociale Dienst. Die zal je finan­cieel onder­s­te­unen bij psy­chol­o­gis­che begelei­d­ing. Je hoeft dat ook niet terug te betal­en. Op de web­pag­i­na van de Sociale Dienst kan je dan een for­muli­er down­load­en waar je enkele gegevens moet invullen: je naam, studiericht­ing, of je oud­ers ervan weten: hoeveel ver­di­enen je oud­ers. En als je oud­ers er niet van weten: hoeveel ver­di­en jij. Dit ver­schi­jnt bij de Sociale Dienst en dat wordt bij­na alti­jd goed gekeurd. Het bedrag wordt dan op jouw reken­ing gestort en dan kan je daarmee naar de psy­choloog.”