Winx Club is een scam


Niet elke wetenschapper houdt zich bezig met proefbuizen, deeltjesversnellers of lasers. Dr. Schamperstein kiest voor een theoretische aanpak en baant zich een weg door formules, berekeningen en kennis om zijn licht te schijnen over een prangende maar absurde vraag.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 29/04/2019 – 11:12 door Bil­lie Thiessen

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Winx, neem elka­ar maar bij de hand. Probeer de kracht te voe­len. Hoor de stem van de natu­ur. Oh, Winx club!

Bij het lezen, of eerder zin­gen van deze intro, word je vast al hele­maal over­rompeld door een gevoel van nos­tal­gie. Een nor­maal meis­je dat ont­dekt dat ze eigen­lijk magis­che kracht­en heeft. Ze mag naar een school voor feeën en beleeft geweldige avon­turen met haar beste vriendin­nen. En dan moeten die super­coole spe­cial­is­ten van de Red Foun­tain er nog bij komen. Welk zes­jarig meis­je wil dat nu niet? Op de speelplaats ontston­den er kleine gevecht­jes over wie Bloom of Stel­la mocht spe­len, maar uitein­delijk was het nog het belan­grijk­ste wie er welke spe­cial­ist moest spe­len. Nu je een beet­je oud­er bent, is veel van de magie waarschi­jn­lijk verd­we­nen. Je begint je vra­gen te stellen bij bepaalde din­gen, bijvoor­beeld bij de vleugels van die Winx. Hoe is het namelijk mogelijk dat die kleine vlin­dervleugels sterk genoeg zijn om de lichamen van tiener­meis­jes te dra­gen?

Liftcoëfficiënt

In mijn onder­zoek om deze vraag te beant­wo­or­den, moest ik eerst achter­halen wat voor vleugels die Winx pre­cies hebben. Al snel bleek dat pad onbe­wan­del­baar. Er zijn veel te veel ver­schil­lende soorten vlin­ders en veel te weinig tijd. Van­daar dat ik geopteerd heb voor plan B. Op de geweldige en weten­schap­pelijk betrouw­bare site Wikipedia stootte ik op iets dat liftkracht heet. Dit is een kracht die lood­recht inwerkt op bijvoor­beeld een vlieg­tu­ig dat op con­stante hoogte vliegt. Hier­bij hoort een for­mule waarmee er berek­end kan wor­den hoe goed en hoe hoog het vlieg­tu­ig kan vliegen. Om die te bereken heb je de lucht­dichtheid, lucht­snel­heid, vleugelop­per­vlak­te en mas­sa van het opgelifte deel nodig. Het is dan ook meer dan logisch om deze for­mule toe te passen op veel kleinere opvervlak­tes en in een totaal andere con­text, zoals bijvoor­beeld op de vleugels van een Winx. 

Een tweede prob­leem is dat er geen betrouw­bare bron bleek te zijn voor de exacte opper­vlak­te van feeën­vleugels, maar schat­ten kan ook. De schat­ting wordt gemaakt op basis van foto’s van seizoen 1 en de gemid­delde afmetin­gen van een vrouw. Hier­mee kom je op een opper­vlak­te van ongeveer 1m², wat bij­na niets is. Met de rest van de cijfers ga ik jul­lie niet verve­len. Het enige wat uitein­delijk belan­grijk is, is de lift­coëf­fi­ciënt. Dat cijfer moet tussen de 0,1 en 1,5 liggen als je wilt dat je toes­tel (of in dit geval per­soon) van de grond komt. Hoe klein­er het getal, hoe min­der moeite er moet gedaan wor­den om van de grond te komen. Als je de for­mule invult met alle gemid­deldes van de Winx, verkri­jg je echter 1,55. Te hoog om deftig te kun­nen vliegen, zelfs voor de snel­heid waarmee de vleugels flad­deren.

Evoluties

Maar niet getreurd, zelf kan ik het ook niet aan om de hele magis­che schi­jn rond de heldin­nen uit mijn jeugd te lat­en weg­vallen. Er is dus ook nog een andere manier van redeneren. De Winx evolueren namelijk ieder seizoen en bij bij­na elke evo­lu­tie wor­den de vleugels net iets grot­er. In seizoen 3 zijn ze zelfs zo groot dat de lift­coëf­fi­ciënt 0,77 wordt. Nu is deze dus wel groot genoeg en ger­ak­en onze geliefde Bloom, Stel­la, Flo­ra, Musa en Tec­na wel van de grond. Gelukkig maar, want wie zou er anders die kwaadaardi­ge Trix van Wolken­toren tegen­houden?