Streek van de week: De Geeraard


Elke streek heeft zo zijn bijzonderheden. In Ieper gooien ze katten van de toren, in Antwerpen hebben ze dikke nekken en Aalst is doordrenkt met marginaliteit. Wij voeren elke editie de meest prominente clichés aan een regionale club en zien hoe zij die verteren.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 17/02/2019 – 14:06 door Nathan Pel­grims

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Prae­ses Johan Morel de West­gaver, schacht­en­tem­mer Dries van Keymeulen en zeden­meester Alex Gov­aert bieden ons een blik op de won­dere wereld van De Geer­aard, de Ger­aards­bergse streek­club aan de Uni­ver­siteit Gent.

We ken­nen Ger­aards­ber­gen alle­maal van de mat­ten­taarten, de muur en Man­neken Pis. Welke andere stereo­typen bestaan er over Ger­aards­ber­gen?

Dries: “Naast de gewoon­lijke din­gen vor­men wij samen met Ninove en Aalst natu­urlijk de mar­ginale driehoek.”

Zijn jul­lie dan echt zo mar­gin­aal?

Johan: “Die mar­gin­aliteit is leuk om als ludiek onder­w­erp te hebben, want dat brengt wel sfeer. Maar wat is nu uitein­delijk de mar­ginale driehoek?”

Dries: “We kun­nen de stem­pel wel begri­jpen he, maar welke stad is niet soms wat mar­gin­aal?”

Johan: “Uitein­delijk slaat dat niet op het drankge­bruik of zo. Dat gaat om de soms wel heel ludieke en plezante sfeer die vaak heerst in Ger­aards­bergse fes­tiviteit­en. En daarmee mak­en we ook onze naam, want dat proberen we ook gewoon te doen hier, bij onze even­e­menten of bij even­e­menten van anderen.”

Wat zijn de din­gen die vaak ver­geten wor­den over Ger­aards­ber­gen?

Alex: “De ‘vijf M‑en’ natu­urlijk.”

Johan: “Ja, drie ervan kent iedereen: de ‘muur’, ‘mat­ten­taarten’ en ‘Man­neken Pis’. De meeste mensen ken­nen de twee andere niet: ‘mar­gin­aal’ en ‘muilen’. Niet echt een uithang­bord, maar bei­den zijn stu­den­tikoos, mensen vin­den het alti­jd grap­pig, en ook dat is weer leuk.”

Hoe ken­nen andere clubs jul­lie vooral?

Johan: “Wij hebben lang bek­end ges­taan als de groot­ste SK-club in Gent. Op het vlak van lede­naan­tallen, maar vooral ook qua presta­ties, activiteit­en en aan­wezighe­den. Wij proberen alti­jd veel mensen te lokken. Een cock­tailavond wordt bij ons al snel een halve fuif. Maar ook sport nemen we heel serieus. Voor ons is dat niet zomaar ran­dac­tiviteit. Dat is iets wat ons wat type­ert. Als de andere clubs bij de ver­lot­ing van de poules De Geer­aard trekken zijn ze meteen al ongerust.”

Dries: “Dat is vooral fier­heid. We zijn redelijk aan­wezig in ons club­café en bij activiteit­en van andere clubs. Ik denk dat we vooral onze aan­wezigheid willen tonen in alles wat we doen. Bij sport doen we dat door ook vaak met de groot­ste opkomst te komen, ook wat sup­port­ers betre­ft.”

Alex: “Het is miss­chien vooral tra­di­tie dat we de beste en groot­ste willen zijn. Dat is wat een Geer­aard doet. We willen de groot­ste zijn, want we móeten ook gewoon de groot­ste zijn.”

Er zit­ten ook heel wat mensen in De Geer­aard die niet uit Ger­aards­ber­gen komen. Wat houdt jul­lie samen als groep?

Dries: “Wij proberen zo veel mogelijk mensen van Ger­aards­ber­gen aan te trekken. Mensen die niet uit Ger­aards­ber­gen komen zijn meestal mensen die dezelfde richt­ing doen, of anderen ken­nen uit De Geer­aard.” 

Alex: “Ze gaan eens uit met mensen uit De Geer­aard. Dan rollen ze erin, soms zelfs zon­der enig ver­band met Ger­aards­ber­gen, enkel en alleen omdat het leuk is. We gaan niet actief op zoek naar mensen van buiten Ger­aards­ber­gen, maar ze vallen er zowat in.”

Johan: “Da’s het leuke aan mensen van buiten Ger­aards­ber­gen. Zij komen erbij puur omdat het plezant is. Ze vin­den het gezel­lig, en willen er dan graag verder in gaan. Dus zij zijn ook heel welkom, al komt 90% van onze leden wel uit Ger­aards­ber­gen.”

Dries: “Onze schacht­en proberen we ook telkens eens naar een activiteit in Ger­aards­ber­gen nemen. Zo leren ook mensen van ver buiten Ger­aards­ber­gen de stad ken­nen. De reac­ties zijn dan alti­jd posi­tief.”

Wie zijn nu de mar­gin­aal­sten in de driehoek?

Alex: “In Ninove zijn ze echt mar­gin­aal. Aalst car­naval is mar­gin­aal, maar dat is tijdelijk. Mensen doen daar soms graag mar­gin­aal. Het gaat voor hen meer om ludiek zijn. In Ninove is dat anders.”

Johan: “Alles bij elka­ar genomen komen we goed overeen met zow­el Ninove als Aalst, en zelfs Zot­tegem. Uitein­delijk zal de mar­gin­aliteit ons zowat bij elka­ar dri­jven af en toe. Voor ons is mar­gin­aal zijn meer stu­den­tikoos.”