Moderator


Recentelijk zijn we tot het inzicht gekomen dat de meeste mensen niet enkel kleren dragen, maar er ook een mening over hebben. Uiterst professionele investigative journalists als we zijn, gingen we op zoek naar de verschillende opvattingen.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 30/04/2018 – 8:19 door Daan Van Cauwen­bergeArthur Jacobs

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Jari

Nu we ein­delijk weer van de zomer kun­nen proeven, zullen enkele van zweet door­week­te armoedza­aiers zich vast wel de eeuwe­noude vraag stellen: “Gast, waarom mag ik niet gewoon effe naakt in het gras liggen?” Een terechte vraag, want waarom dra­gen wij feit­elijk kleren? Net als ade­men, voed­sel en de aan­wezigheid van Bart Peeters op de VRT, zijn ook kleren een con­stante in ons lev­en. Daarom besloten wij op een hete don­derdag­mid­dag de beteke­nis van kledij te ontsluieren.

De betekenis van het weven

Sam

We trekken door de strat­en van Gent met een sim­pele vraag: “Wat is jouw mening over kleren?” Zoals verwacht, kijken de voor­bi­j­gangers ons nogal ver­baasd en soms zelfs qua­si-beledigd aan wan­neer we hen met onze vraag con­fron­teren. Wat we niet had­den verwacht, is dat de meerder­heid effec­tief een mening heeft over de stukken stof die hun huid bedekken.

Zo weet Sam, een­maal bekomen van de algemene vraag­stelling, ons te vertellen dat hij kleren ziet als een manier om anderen te tonen wie je bent. “Ja, ik vind eigen­lijk wel dat kleren iets willen zeggen over de per­soon die ze aan­heeft. Met kleren kan je je echt uit­drukken.” Tij­dens onze Gentse odyssee blijkt deze visie breedge­dra­gen. Velen voe­gen er nog aan toe dat ze er wel van houden als mensen in hun kled­ingsti­jl afwijken van de mas­sa. Dat wijst op per­soon­lijkheid, aldus onze rev­o­lu­tion­aire kled­ing­crit­i­ci.

Anderen zijn dan weer eerder prag­ma­tisch ingesteld. Wan­neer we onze vraag voor­leggen aan Casper, kijkt hij ons een ogen­blik mee­warig aan en antwo­ordt: “Ja, die zijn nogal noodza­ke­lijk, hè.” Vol­gens Casper horen kleren louter func­tion­eel te zijn. “Veel te ondiepe zakken, waar je eigen­lijk niets in kan steken, dat is gewoon ver­spilling van rit­sen.” Niet iedereen is echter zo’n ves­ti­men­taire prag­mati­cus, van Dzinh kri­j­gen we een heel ander ver­haal te horen: “Ik vind het per­soon­lijk supertof om me daarmee bezig te houden. Om te shop­pen en me goed te kle­den, en zo. Ik vind het leuk om te kijken naar andere mensen die zich nice kle­den en om de mode een beet­je op te vol­gen.” Zo stu­iten wij onverwachts op een schis­ma tussen een prag­ma­tis­che visie op kleren en een modieuze kijk op kledij als vorm van ontspan­ning en miss­chien zelfs kun­st.

“Fok, da’s een moeilijke”

Casper

Na ver­loop van tijd realis­eren we ons dat één vraag niet vol­staat, en besluiten we een tweede toe te voe­gen aan ons inten­sieve straa­ton­der­zoek. We vra­gen pas­san­ten welk fout kled­ingstuk een modieus sta­tussym­bool zou mogen wor­den. Tegen al onze verwachtin­gen in hebben onze ondervraag­den het met deze vraag veel moeil­ijk­er dan met de eerste. 

“Ik weet het niet goed. Wat is er nu eigen­lijk in de mode? Zo van die wijdere din­gen zek­er?” kaatst Jon­ah terug wan­neer we hem de vraag stellen. “Allez, ik zou wel zo van die superge­makke­lijke schoe­nen in de mode willen”, vult zijn vriend Jonathan aan. “Je weet wel, zodat je in de zomer over­al op slip­pers kan rond­lopen en in de win­ter gewoon botin­nen kan dra­gen.” Ook anderen halen vooral schoe­nen aan, waar­van de meeste ons niets zeggen. Een deviante enkel­ing kiest ten slotte voor de baret.