Kort


Een spook waart door de stad. Nog zelden wordt het aan­schouwd: zich overdag ver­schuilend in de hoogte van Belforts beest, hangt het hun­kerend, loerend en glurend over de stede. Uit­slui­tend ‘s nachts kri­jst het weerom zijn deerniswekkend lied, zichzelf bemoedi­gend ondanks de aanstaande en volkomen onder­gang. Luis­ter! Zo-even bewoog het zich schim­mig en schuife­lend over…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 20/11/2017 – 7:49 door Sander Van Damme

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Een spook waart door de stad.
Nog zelden wordt het aan­schouwd: zich overdag ver­schuilend in de hoogte van Belforts beest, hangt het hun­kerend, loerend en glurend over de stede. Uit­slui­tend ‘s nachts kri­jst het weerom zijn deerniswekkend lied, zichzelf bemoedi­gend ondanks de aanstaande en volkomen onder­gang. Luis­ter! Zo-even bewoog het zich schim­mig en schuife­lend over een ver­lat­en Kouter­lei naar Auw La podi­um (Auw La, 22/11), louter aan­schouw­baar tussen apoth­e­ose en ovatie, waar haar puurheid cul­m­i­neert. Uiterst zorvuldig manoeu­vreert het zich omheen een ons­tu­imige Can­tus (Moed­er Dom­per, 22/11), als een zon­der­ling slan­gen­beest dat zijn superieure omcirkelt. Veelvuldig wordt het gevreesd door meni­gen, zelden wordt het gekoes­terd door enke­len. Het streelt zacht­jes de lichtvochtige grond, kniezend om het onafwend­bare lot, wan­neer het onder­bro­ken wordt door het ges­tadi­ge geploeter van een oprukkende tweeben­er. Na iedere hevige klap waar­bij aarde en zool zich onher­roe­pelijk maar plot­sklaps hereni­gen op Start to Run (Vlaamse Dier­ge­neeskundi­ge Kring, 27/11) scheert het echter kort­stondig weer over het opper­vlak heen, de ademhal­ing van de een­ling tar­tend, de veerkracht sar­rend. Wederom par­a­siteert het op de luchthar­tige deel­ne­mers van VLK Pro­fes­sionele Speed­date (Vlaamse Lev­en­stech­nis­che Kring, 22/11), zich over hen buigend als een roofvo­gel die zijn prooi over­meestert, de klauwen eerst diep in het vlees drukkend om de buit ver­vol­gens naar het einde van het lev­enspad te begelei­den: eind­punt ongek­end. Op de Hor­ro­ravond (Home Boudewi­jn, 22/11) ziet men het vervloeien als zwart in wit, waar­bij de schim het schree­uwen ter wille van goed­kope schmink, gril­lige licht­ef­fecten en onver­hoedse beweg­in­gen aan­vult met zijn deemoedig lied. Zodoende de avond vervul­lend van een gedenkwaardig ensem­ble, ultiem de toren even­matig als de opstaande zon terug bek­lim­mend.

Afgedaan. Fini­to. Schluss.

Een spook waart door de stad: het schaduw­beeld van de stilte.