Wetenschapskort


Gek én geniaal? In Nation­al Geo­graph­ic komt de Ned­er­landse neu­ro­bi­oloog Dick Swaab met de stelling op de prop­pen dat er van­daag de dag zek­er nog genieën zijn, maar ze min­der opvallen door de spe­cialis­er­ing­s­ten­dens. Gewaagder is zijn hypothese dat kun­ste­naars hun orig­inelere werke­lijkhei­dsper­cep­tie aan een bipo­laire stoor­nis te danken hebben. Hele­maal loco wordt het als Swaab sug­gereert…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 30/09/2017 – 20:47 door Ruben Matthys

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Gek én geniaal?



In Nation­al Geo­graph­ic komt de Ned­er­landse neu­ro­bi­oloog Dick Swaab met de stelling op de prop­pen dat er van­daag de dag zek­er nog genieën zijn, maar ze min­der opvallen door de spe­cialis­er­ing­s­ten­dens. Gewaagder is zijn hypothese dat kun­ste­naars hun orig­inelere werke­lijkhei­dsper­cep­tie aan een bipo­laire stoor­nis te danken hebben. Hele­maal loco wordt het als Swaab sug­gereert dat naast (his­torische) misog­y­nie ook de genetis­che fac­tor een rol speelt in het over­aan­bod aan man­nelijke genieën: “Er kan een fout zit­ten in het X‑chromosoom. Vrouwen hebben een tweede reservechro­mosoom, waar­door het defect geen gevol­gen heeft. Bij man­nen, die maar één X‑chromosoom hebben, lei­dt een­zelfde defect daar­ente­gen direct tot nieuwe func­ties.”

Harige blokfluit



Tij­dens het vierde Inter­na­tionale Sym­po­sium over Akoestis­che Com­mu­ni­catie bij Dieren in Nebras­ka wer­den deze zomer enkele ont­dekkin­gen uit de doeken gedaan die zelfs nog ver­rassender waren dan het bestaan van een dergelijke samenkomst. Jes­si­ca Lind­say, stu­dent aan de Uni­ver­si­ty of Wash­ing­ton, kwam bijvoor­beeld tot de vast­stelling dat niet enkel onze geved­erde vrien­den, maar zelfs een van hun prooien in staat is tot klankn­a­boots­ing. Zo kan de rups Amor­pha jug­lan­dis tij­dens een voge­laan­val een accordeon­be­weg­ing mak­en, waar­bij hij langs spec­i­fieke gat­en in zijn flanken een fluit­toon uit­stoot die de vluchtroep van zijn belagers imi­teert en hen zo het hazen­pad doet kiezen. Gek, toch?

Natuurlijke pesticide?



Twee Mex­i­caanse weten­schap­pers, Montser­rat Suárez-Rodriguez en Con­stan­ti­no Mar­cías Gar­cia, deden onder­zoek naar de nest­ma­te­ri­alen van de Mex­i­caanse rood­mus in Mexico-Stad.Tot nu toe werd aangenomen dat de dieren zich red­den met willekeurige, stedelijke grond­stof­fen (lees: afval) om hun nest­jes te bouwen. Maar is de selec­tie van het mate­ri­aal dan echt zo willekeurig? Blijk­baar niet! Zo gebruiken de beestjes de cel­lu­lose van sigaret­ten­peuken – oor­spronke­lijk waarschi­jn­lijk van­wege de overeenkomst met veren – om ectoparasi­eten, zoals teken, af te weren. Iets min­der geni­aal zijn de gevol­gen op lange ter­mi­jn: de vogels lopen het risi­co door de schadelijke stof­fen hun DNA te beschadi­gen en erfe­lijke afwijkin­gen te gaan ontwikke­len.