Musicaltitaan Stephen Sondheim


De wereld verloor vrijdagnacht de musicaltitaan Stephen Sondheim. Ter ere van deze legende een kort artikel over wat hem zo speciaal maakte, alsook een selectie uit zijn oeuvre.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 2/12/2021 – 22:34 door Bil­lie ThiessenKeanu Col­paert

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Achtergrondheim

Sond­heim werd geboren in 1930 in New York City. Zijn jeugd was niet bepaald gelukkig: zijn oud­ers schei­d­den toen hij tien was en zijn moed­er, waar hij naar eigen zeggen een afkeer van had, stu­urde hem meteen daar­na naar een kostschool. Die zomer leerde hij echter meteen James Ham­mer­stein en zijn vad­er Oscar Ham­mer­stein II ken­nen. Deze laat­ste was een bek­ende com­pon­ist, die onder andere voor ‘The Sound of Music’ schreef. Oscar gaf meteen zijn liefde voor musi­cal en com­poneren mee aan Sond­heim die al piano speelde sinds zijn zevende. Op zijn twaalfde maak­te Sond­heim een musi­cal over zijn school genaamd ‘By George’ dat een gigan­tisch suc­ces was bij zijn medescholieren. Ham­mer­stein, die overi­gens niet wist dat Sond­heim zelf achter het script zat, kraak­te de musi­cal af met de woor­den “dit is het vre­selijk­ste dat ik ooit gezien heb”.

“Dit is het vre­selijk­ste dat ik ooit gezien heb”

Omdat Ham­mer­stein een goede leerkracht was, bood hij echter ook meteen aan om Sond­heim uit te leggen waarom het vre­selijk was, wat resul­teerde in een van de meest leerzame mid­da­gen uit Sond­heims lev­en. Wat vol­gde was een school­loop­baan die hem van the­ater naar com­poneren bracht, met ernaast ook een korte duik in de wiskunde. Na zijn stud­ies werd hij niet meteen het musi­cal­ge­nie dat hij nu is. Eerst ver­fi­jnde hij zijn woord­kun­sten door aflev­erin­gen te schri­jven voor de com­e­dy ‘Top­per’ en kruis­wo­or­draad­sels te mak­en voor het mag­a­zine ‘New York’. Deze ervarin­gen maak­ten van Sond­heim een van de meest vernieuwende musi­cal­mak­ers op Broad­way. Nog voor zijn der­tig­ste ver­jaardag schreef hij de liedtek­sten voor de intussen leg­en­darische musi­cals ‘West Side Sto­ry’ en ‘Gyp­sy’. Dit deed hij samen met de bek­ende com­pon­ist Leonard Bern­stein. Deze samen­werk­ing zette meteen de toon voor vele andere samen­werkin­gen tij­dens de car­rière van Sond­heim, die veel zelf schreef maar de input van andere cre­atievelin­gen alti­jd enorm waardeerde.

Speelse vernieuwingen

Sond­heim staat bek­end voor vele vernieuwin­gen op Broad­way, die haaks ston­den op wat de klassieke musi­cal moest zijn: vrolijk, niet al te moeil­ijk om te vol­gen en alti­jd met een goed einde. Sond­heim zette doorheen zijn car­rière veel van deze ideeën aan de deur, onder het mot­to nooit bewust twee keer het­zelfde te doen. Daar­door bevat­ten veel van zijn stukken bijvoor­beeld een hele hoop muzikale en tal­ige exper­i­menten, met hele moeil­ijke tek­sten en com­posi­ties. Zo is bij­na elk num­mer in ‘Sweeney Todd’ een recom­bi­natie van het num­mer ‘Deus Irae’, wat staat voor ‘de god van de toorn’, en dus ook een recom­bi­natie van zichzelf.

“Do not let it grieve you / no one leaves for good”

Of neem bijvoor­beeld de musi­cal ‘Com­pa­ny’, een musi­cal zon­der vaste vol­go­rde waarin ieder num­mer in een andere vol­go­rde kan gezet wor­den om een nieuw stuk te creëren. Deze vari­aties en recom­bi­naties zor­gen voor gelaagde musi­cals, waarin iedere laag meer en meer beteke­nis toevoegt. Een beet­je zoals een cadeaut­je dat meerdere keren ingepakt is, of een ui.

Het ruige leven

Ook the­ma­tisch bracht Sond­heim veel vernieuwin­gen naar Broad­way. Hij vond het belache­lijk dat musi­cals een brok pos­i­tiviteit moesten zijn: een musi­cal is een kun­stvorm en die mag zek­er ook de realiteit in al haar ambivalen­tie weergeven. Schoonheid en juis­theid zijn vol­gens Sond­heim dan ook min­der­waardig. Zo werk­te hij mee aan stukken zoals ‘Gyp­sy’ waarin een moed­er haar kinderen probeert te manip­uleren om haar eigen onvervulde dromen waar te mak­en. Of ‘Com­pa­ny’, dat gaat over de menselijke drang naar gezelschap en hoe die soms onvervuld kan zijn. Com­fort en nos­tal­gie zijn namelijk juist te vin­den in wat niet lijkt samen te gaan, maar uitein­delijk toch ver­rassend goed past.

Zo kwam Sond­heim er ook bij om te exper­i­menteren met een hele hoop zak­en die op het eerste gezicht ongelooflijk raar lijken. Zie bijvoor­beeld de musi­cal ‘Frogs’ waarin hij Meryl Streep en Sigour­ney Weaver castte en in het zwem­bad van Yale liet spe­len. Of bijvoor­beeld ‘Into the Woods’ waarin hij een ein­de­loze repet­i­tiviteit gebruikt om de draak te steken met de klassieke sprook­jesstruc­tu­ur. Na ver­loop van tijd heeft hij een muzikaal rariteit­enk­abi­net uit­gew­erkt waar­voor hij voor alti­jd herin­nerd en geprezen zal wor­den. De musi­cal­w­ereld zal hem mis­sen, maar nooit ver­geten. Zoals Sond­heim zelf schreef in ‘Into the Woods’: “Do not let it grieve you / no one leaves for good”.