Recensie: And Then We Danced


Het was toch even checken of de technici in Kinepolis de tape niet per ongeluk verwisseld hadden met die van 'Call Me By Your Name'. 'And Then We Danced' behandelt immers exact hetzelfde thema - ontluikende homoseksualiteit -, maar ditmaal niet in een romantisch en pittoresk Italiaans plaatje. Place to be is het veel minder…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 1/11/2019 – 21:04 door Vin­cence De Gols

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Mocht­en de mak­ers Lev­an Gel­bakhi­ani niet ges­e­lecteerd hebben voor de rol van Merab, had Pixar hem wellicht gestrikt als kok Lin­gui­ni voor een ver­volg op ‘Rata­touille’. Gelukkig nam zijn loop­baan een heel andere wend­ing en kan iedereen hem nu als danser zien schit­teren in ‘And Then We Danced’, een rauwe film van de Zweeds-Geor­gis­che regis­seur Lev­an Akin. In ‘And Then We Danced’ zien we hoe Merab, al van kinds­been af bezeten door dans, zichzelf tot het uiter­ste inspant om car­rière te mak­en in het Geor­gis­che Nation­aal Bal­let. Hoewel de lessen en chore­ografieën extreem veeleisend zijn, ver­loopt alles vlekkeloos en streeft Merab naar een fel­begeerde plek in een nieuwe opvo­er­ing van het bal­letensem­ble. Tot Irak­li (Bachi Val­ishvili), kersvers bal­let­tal­ent, plots in het gezelschap opduikt en Merab niet alleen met onbek­ende gevoe­lens, maar ook met sni­j­dende con­cur­ren­tie gecon­fron­teerd wordt.

Noem een kat een kat: op het eerste zicht ver­toont ‘And Then We Danced’ inder­daad tre­f­fende gelijkenis­sen met ‘Call Me By Your Name’. Het verken­nen van homosek­suele gevoe­lens en driften vormt de lei­draad doorheen de film. Bei­de hoofd­per­son­ages stralen onschuld uit, zijn nogal schuchter maar vooral zoek­ende. Al dan niet geheel toe­val­lig lijken Tim­o­th­ée Cha­la­met en Lev­an Gel­bakhi­ani nog eens erg op elka­ar. Hun rou­tineuze lev­en­t­je wordt van de ene dag op de andere over­hoop gehaald door roman­tis­che, voor hen­zelf onbek­ende emoties door de ver­schi­jn­ing van een tweede figu­ur. Aan­vanke­lijk spreken bei­de spel­ers hun gevoe­lens niet uit ten opzichte van elka­ar, maar gaan­deweg evolueren ze samen onver­mi­jdelijk naar momenten van hart­stocht en passie. Wat daarop vol­gt, is een bij­tende zel­font­dekkingsreis op de gol­ven van gril­lige geestdriften. 

De Geor­gis­che vari­ant valt gedurende 105 minuten zek­er niet com­pleet uit de boot naast de Ital­i­aanse, al voelt hij af en toe wel makke­lijk aan als een min­der gepeperde en iets suf­fere vari­ant ervan. Maar toch ver­di­ent ‘And Then We Danced’ absolu­ut de lof die het kri­jgt. Het kad­er waarin dit onder­w­erp de vri­je loop wordt gelat­en, is een pak grim­miger en benauwder dan dat van zachte, zwoele zomer­avon­den. De focus ligt niet zozeer op het gren­zeloos ont­plooien van homosek­suele gevoe­lens, maar op de bikkel­harde taboes­feer die ontstaat bij de kle­in­ste afwijk­ing van het con­ser­vatieve, ultra­man­nelijke ideaal. Mer­abs gezicht en daar­bi­jhorende emoties vallen te allen tijde bij­zon­der moeil­ijk af te lezen. ‘And Then We Danced’ stu­urt vooral een benauwd gevoel op de kijk­er af; een koude rilling waar­bij je je als Belg toch heel even gelukkig pri­jst, om vlak erna intens mee te lev­en met Merab en de muur­vaste gren­zen waarin zijn emoties plaatsvin­den. 

Ondanks de inhoud kent de film een zekere sta­biliteit en speelt deze zich ook af in een relatief vredi­ge atmos­feer. De enscener­ing die Lis­abi Fridell laat zien, straalt zelfs in de meest hit­sige momenten een natu­urlijke rust uit. Nuchtere acteer­presta­ties, geen al te inter­rup­tieve sound­track en gecom­pliceerde emoties in de onder­toon en een best een­voudi­ge rode draad. Less is more, en dat loont in deze film zek­er de moeite. Akin lev­ert een gedurfde Geor­gis­che prent af, die alvast behoor­lijk in de smaak valt.