Doop is wel degelijk dope


Dit opiniestuk werd ingezonden door Jaime Moreira Resina, student Toegepaste Taalkunde Frans-Spaans en Verantwoordelijke Studie bij Veto Gent. Hij was schacht bij Veto Gent in 2016-2017.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 16/11/2018 – 17:39 door

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

 

Jaime Mor­eira Resina

Zoals de jaar­lijkse tra­di­tie het wil, kruipen indi­viduen zoals Joël De Ceu­laer en Geert Noels eind okto­ber in hun pen om nog maar eens een verni­eti­gend opini­es­tuk te schri­jven over de beruchte stu­den­ten­dopen. Van­daag de dag kan ik zelfs vast­stellen dat ook sociale media als Face­book en Twit­ter door­spekt zijn van bericht­en van de hand van zelfverk­laard kri­tis­che mensen die een wel heel kortzichtige mening hebben over dit facet van het stu­den­ten­leven. Ofwel zijn deze heer­schap­pen zulke negen-tot-vijftypes dat ze hun eigen microkos­mos het nec plus ultra wanen en hebben ze zelf nooit een doop meege­maakt en zijn ze op geen enkele manier bij een­der welke Vlaamse kring of club betrokken geweest, ofwel zijn het mensen die wel degelijk bij de werk­ing van een kring betrokken zijn, en er toch een dergelijke mening op na houden.


Hoog tijd dat dit fenomeen in een posi­tief (lees: real­is­tisch) daglicht wordt geplaatst.

Zou de tra­di­tie veran­derd zijn of liggen de crit­i­ci aan de basis van deze ommezwaai?


In de defin­i­tie van Van Dale staat het meest essen­tiële woord van deze hele dis­cussie: stu­den­ten­v­erenigin­gen zijn vri­jwillig, ze zijn in de prak­tijk werke­lijk het antoniem van een ver­plicht­ing. Het is toch frap­pant dat deze tra­di­tie in ons land, Ned­er­land, Duit­s­land, Span­je (dis­puten) en de VS (fraternities/sororities) bestaat, dateert van in de jaren 1725 en toch pas sinds de recentste eeuwwis­sel­ing bakken kri­tiek over zich kri­jgt. Zou de tra­di­tie veran­derd zijn of liggen de crit­i­ci aan de basis van deze ommezwaai? Nogal wiedes, me dunkt.


Als ik zie en lees hoe kortzichtig boven­staande mensen zich uit­drukken over stu­den­ten­v­erenigin­gen, moet het con­cept miss­chien wat toegelicht wor­den. Toch bizar, aangezien deze uiter­mate fijne mensen een ware ency­clo­pe­dis­che ken­nis menen ten­toon te sprei­den. Stu­den­ten­v­erenigin­gen in Bel­gië wor­den in twee gedeeld, met name krin­gen en clubs. Krin­gen groeperen mensen die dezelfde uni­ver­si­taire oplei­d­ing vol­gen, clubs vor­men zich dan weer rond stu­den­ten die uit dezelfde streek afkom­stig zijn of die dezelfde richt­ing aan een hogeschool stud­eren. Zow­el krin­gen als clubs hebben het­zelfde hoofd­doel: de sociale activiteit­en van hun leden helpen ont­plooien. Daar­naast onder­schei­den de krin­gen zich van de clubs – met uit­er­aard uit­zon­derin­gen –, omdat krin­gen ook rel­e­vante studiehulp aan­bieden. In tegen­stelling tot wat velen bew­eren, is zuipen geen doel. Je hebt overi­gens geen verenig­ing nodig om jezelf een lev­er­cir­rose cadeau te doen, dat is enkel een gemakke­lijk excu­us.

Je hebt geen verenig­ing nodig om jezelf een lev­er­cir­rose cadeau te doen


Verder bew­eren niet nad­er te noe­men mensen op Face­book en Twit­ter dat je com­pleet wan­hopig en hopeloos op zoek moet zijn naar vrien­den om jezelf aan te sluiten bij een stu­den­ten­v­erenig­ing. Uit­er­aard, hoe kon ik nu denken dat de ruim 20.000 Gentse stu­den­ten die aanges­loten zijn bij een verenig­ing ook maar enige vorm van lev­en hebben. Over­duidelijk dat het alle­maal stuk voor stuk kas­plan­t­jes betre­ft. Ongelofe­lijk dat deze mening nog maar gehoor vin­dt. Ik ben zelf nog te jong om te kun­nen zeggen wan­neer die over­gang heeft plaats­gevon­den, maar hoe lang is het niet gele­den dat de jeugd asser­tief genoeg was om din­gen zelf­s­tandig te ont­dekken? Een sim­pele chi­ro­fuif is voor een zestien­jarige al een obstakel dat enkel in groep over­won­nen kan wor­den. Een stu­den­ten­v­ereng­ing spreekt tij­dens het mid­del­baar tot de ver­beeld­ing. Kers­verse stu­den­ten aan het hoger onder­wi­js die geïn­ter­esseerd genoeg zijn, zullen samen met hun vrien­den­groep de ver­beeld­ing aan de realiteit toet­sen en op vri­jwillige en onafhanke­lijke basis oorde­len of het hen ligt of niet. Zo gaat het al jaren en zal het nog jaren gaan. Wat boven­staande mensen niet ontken­nen, is dat je door dergelijke verenigin­gen enorm veel mensen leert ken­nen waar­van er velen poten­tiële nieuwe vrien­den zijn. Ze ver­geten echter wel dat je voor deze ervar­ing al vrien­den had.


Voor ik verder ga over het derde en gelukkig laat­ste punt van kri­tiek, wil ik iets ver­duidelijken. Ik ben namelijk niet zo kortzichtig dat ik iedereen over dezelfde kam scheer en beken dat ik enkel in con­tact kom met de werk­ing van Gentse stu­den­tenkrin­gen. Onder­staand stuk is dus mogelijks niet 100% toepas­baar op Antwerpse, Leu­vense of Lim­burgse verenigin­gen, hoewel ik dat ten zeer­ste durf te betwi­jfe­len.


Het derde punt van kri­tiek gaat uit­er­aard onver­mi­jdelijk over de stu­den­ten­dopen. Opnieuw een gebeurte­nis die velen meemak­en, maar waar­van nog veel meer mensen alles denken te weten, zon­der ook maar in de ver­ste verte te weten wat een doop inhoudt, een ver­gader­ing van een doop­comité te hebben meege­maakt of een doop­draai­boek van dichter­bij te hebben bekeken. Laat staan dat ze de recentste regel­gev­ing ken­nen, van het bestaan van een Doopde­creet afweten of besef­fen dat Stad Gent al deze ludieke en stu­den­tikoze activiteit­en stuk voor stuk goed­keurt.

Ze ver­geten dat de huidi­ge dopen extreem streng gereg­uleerd zijn


Stu­den­ten­dopen wor­den al jaren­lang gevierd, maar jam­mer genoeg komen vooral de excessen in beeld. De media bespe­len de volk­sopinie door alleen negatieve ver­halen naar buiten te bren­gen en door zelfs expli­ci­et naar negatieve ervarin­gen te vra­gen. Ze ver­geten daar­bij hand­ig dat de huidi­ge dopen extreem streng gereg­uleerd zijn door het Gents Doopde­creet en dat er con­troles zijn door het FK (Fac­ul­teit­enKon­vent, overkoe­pe­lende organ­isatie van alle uni­ver­si­taire stu­den­tenkrin­gen) om te zien of de regels daad­w­erke­lijk toegepast wor­den.


Ter­wi­jl alle dopen gelijkgesteld wor­den aan horrorstory’s, wor­den pre­sid­i­um­le­den afgeschilderd als machtswellustige bar­baren die hun frus­traties botvieren op die arme, zwakke schaap­jes die feuten wel niet zijn. Wederom wordt toe­val­lig ver­geten hoe minu­tieus de schacht­en­tem­mer samen met het pre­sid­i­um de doop voor­berei­dt, hoe de pre­sid­i­um­le­den een EHBO-cur­sus vol­gen en hoe elk Doop­comité toezicht houdt op het ver­loop van de doop. Het zou eens alge­meen bek­end moeten zijn hoe hard schacht­en­tem­mers zwoe­gen om hun doop­draai­boek op te stellen en ervoor te zor­gen dat het con­form alle regels is. Daar­naast moeten ze de verzek­er­ingspolis­sen con­trol­eren, medis­che fich­es opvra­gen bij de feuten, cer­tifi­cat­en aan­vra­gen om bepaalde voed­ingsmid­de­len te mogen gebruiken … en zo kan ik wel een tijd­je door­gaan.

Je zal miss­chien je kleren niet meer volledig prop­er kri­j­gen, maar so what?


Natu­urlijk is de doop geen theekran­sje op een schat­tig pick­nick­lak­en in een bos, nee, het is een team­buildende activiteit die een hoop nieuws­gierige jon­geren omvormt tot een hechte groep. En ja, je wordt vuil. Je zal al eens iets raars moeten ope­ten, je zal miss­chien je kleren niet meer volledig prop­er kri­j­gen, maar so what? Voel je je daar­na mis­bruikt? Is het nodig om deze ludieke namid­dag af te schilderen als een ten­hemelschreiend bac­cha­naal? Natu­urlijk niet. En al hele­maal niet door mensen die er zelf niets van af weten. Het enige wat zij bekomen is een nóg stereotieper beeld, dat nog verder ligt van de waarheid dan het jaar voor­di­en. Het is logistiek prak­tisch onmo­gelijk, maar hoe graag zou ik al deze crit­i­ci eens zelf een doop lat­en meemak­en. Dan weten ze ten­min­ste waarover ze het hebben, dan is hun eventuele com­men­taar ten­min­ste ges­taafd op iets, dan gokken ze ten­min­ste niet zomaar in het wilde weg zon­der te besef­fen dat ze (in)direct mensen bang mak­en en som­mi­gen een bij­zon­der leuk deel van hun stu­den­ten­leven afne­men.


In het najaar van 2016 lanceerde Jasper De Pauw (pro­can­tor en pros­e­nior Veto Gent) de hash­tag #doop­is­dope. Hij riep op alle posi­tieve doop­er­varin­gen te delen met de hele wereld, om een tegengewicht te creëren voor de negatieve bericht­gevin­gen van het jour­naille. Tot mijn grote ver­baz­ing en onge­noe­gen klasseerde datzelfde jour­naille deze duizen­den inzendin­gen tot quan­tité nég­lige­able wegens niet geloofwaardig. Uit­er­aard, die enkele menin­gen van grote mensen die nog nooit een doop van dicht­bij gezien hebben zijn veel geloofwaardi­ger dan die duizen­den menin­gen van kleine kind­jes die al ver­schil­lende jaren een doop meemaak­ten en/of lei­d­den. Heel jam­mer dat dat soort mensen die zichzelf jour­nal­ist dur­ven noe­men ervoor zor­gen dat een deel van onze jeugd niet meer het onder­scheid kan mak­en tussen objec­tieve bericht­gev­ing en regel­rechte non­sens zo niet leu­gens.

Zijn alle feuten die schacht­en gewor­den zijn gaan huilen bij hun mama?


En wat na de doop? Zijn alle feuten die schacht­en gewor­den zijn gaan huilen bij hun mama? Hebben ze zich uit­geschreven uit de kring, club of studiericht­ing? Dien­den ze een klacht in wegens mis­bruik? Uit­er­aard niet, of wat had u gedacht. Na de doop kri­j­gen ze hun fel­begeerde lin­t­je en behoren ze offi­cieel tot een tweede fam­i­lie als het ware, vol cama­raderie en vriend­schap. Op mijn doop heb ik mensen leren ken­nen die ik nu als mijn vrien­den beschouw. Mensen met wie ik lief en leed gedeeld heb, mensen die ik 100% vertrouw, mensen bij wie ik mij goed voel en mezelf kan zijn. Ik heb bij God mijn vriendin zelfs leren ken­nen ter­wi­jl ze met yoghurt een appel van mijn hoofd moest proberen gooien. Doop ís meer dan ooit dope.


If it’s not your cup of tea, don’t drink it. But please, let the oth­ers enjoy.