Too hot to handle


Sarah “Too hot to han­dle” schree­uwde het blauwe Green­peaceshirt met een bran­dende aard­bol, hangend aan mijn 13-jarige lijf. Een state­ment om U tegen te zeggen gecom­bi­neerd met een prikke­lend gevoel voor humor; de ultieme com­bi­natie in mijn piepjonge brein. Ron­dri­j­dend in mijn kneu­terige plat­te­lands­dor­p­je, hoopte ik dat mijn bran­dend actuele bood­schap een ware kli­maa­trev­o­lu­tie zou…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 22/02/2017 – 12:31 door Sarah Van Meel

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Sarah

“Too hot to han­dle” schree­uwde het blauwe Green­peaceshirt met een bran­dende aard­bol, hangend aan mijn 13-jarige lijf. Een state­ment om U tegen te zeggen gecom­bi­neerd met een prikke­lend gevoel voor humor; de ultieme com­bi­natie in mijn piepjonge brein. Ron­dri­j­dend in mijn kneu­terige plat­te­lands­dor­p­je, hoopte ik dat mijn bran­dend actuele bood­schap een ware kli­maa­trev­o­lu­tie zou ontkete­nen bij menig onwe­tend parochi­aan. We zijn nu tien jaar lat­er, het shirt werd ingeruild voor een modieuzer geval en het dorpss­choolt­je werd een uni­ver­siteit. Maar voor de rest bli­jft de sit­u­atie zoals ze was: heet.

We war­men met z’n allen op, er is nie­mand die ontsnapt aan dit gepeperde een­pans­gerecht. Dat de een het hard­er zal voe­len dan de ander, dat staat al vast. Maar dat iemand het niet zal voe­len, dat is werke­lijk utopisch. Ook ik zal dit wellicht aan den lijve ondervin­den. De klok tikt steeds luider en ter­wi­jl ik dit typ spe­len diverse scenario’s zich af : over­stro­min­gen, de ver­woesti­jn­ing, het uit­ster­ven van dier­soorten en Tuvalu dat verd­wi­jnt in de oceaan. Het zweet breekt me uit en mijn okselvi­jvers wor­den werke­lijke zwem­baden bij de gedachte aan het ultieme hor­rorsce­nario: het bereiken van het tip­ping point van twee graden Cel­sius, het moment waarop alle gevol­gen onom­keer­baar wor­den. Hoewel we het met z’n allen op een gillen zouden moeten zetten zoals het in een goede hor­ror­film betaamt, bli­jft het stil. Te stil naar mijn goest­ing. Milieu moet het onder­spit del­ven tegen­over economie, het­welk zichzelf in stand houdt door het “groei of sterf” idee. Hoera voor de groene economie, tot­dat we in een recessie zit­ten. 

Ter­wi­jl ik me al puffend en zwe­tend door rap­porten over de kli­maatop­warm­ing werk, voel ik een ijsk­oude wind die zich langs mijn kleren een weg naar boven baant. Een kille wind afkom­stig van een heel ander soort kli­maat: het maatschap­pelijke. Het zweet droogt op en al snel staan alle haren van m’n arm rech­tovereind bij het lezen van tal­loze artikels in de krant. Over vluchtelin­gen die men liev­er niet wil ont­van­gen, over het beleid van een per­soon die in ter­men van “great again” denkt, par­ti­jen die angst voor ander­s­gelovi­gen mis­bruiken. In onze maatschap­pij komt er een stro­ming voor die een tem­per­atu­ur heeft die gelijk staat aan het oor­spronke­lijke warmteniveau van de ijskap­pen. Ned­er­land, Frankrijk, de VS, …  Het lijkt wel alsof er onder al deze lan­den een riool­netwerk zit dat tegelijk begint over te lopen.

“Hoera voor groene energie. Tot we in een recessie zit­ten.”

Hoe tegen­stri­jdig bedacht ik me, we war­men met z’n allen teza­men in de kli­maa­toven op, maar tegelijk­er­ti­jd zit onze maatschap­pij op een ander niveau in een ijskast. Tien jaar gele­den zou de 13-jarige puber geop­perd hebben voor een wis­sel, een bestri­jd­ing van de kli­maatop­warm­ing en een opwarm­ing van de maatschap­pij. Dat de maatschap­pelijke ten­dens wel zal keren na ver­loop van tijd en dat de wereld vol loopt met warme mensen. Dat de race tegen de tijd en tegen de ther­mome­ter er een­t­je is die kan gewon­nen wor­den, mits vol­doende inspan­ning. Wel, ik geef ze gelijk.