The female lens


Het is "belangrijk om overal sterke feministische stemmen te hebben", zei Céline Sciamma onlangs in een interview. Enkele vrouwelijke regisseurs voegden op Film Fest Gent de daad bij het woord. Een selectie van onze redacteurs.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 23/10/2022 – 16:59 door Bil­lie Thiesse­nAnaïs Vanass­cheKeanu Col­paert

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

De eerste dag van Film Fest Gent zat vol met prachtige films die de kijk­er meeslepen en beroeren. En dan was er ‘Un beau matin’ door Mia Hansen-Løve.

San­dra (Léa Sey­doux) bevin­dt zich in een kan­tel­mo­ment van haar lev­en. Nadat haar man stierf, ging ze met haar dochter in Par­i­js wonen. Haar vad­er was ooit een geniale filosoof, maar takelt razend­snel af. Dat is waar ‘Un beau matin’ rond draait: San­dra zorgt voor iedereen, maar vergeet daar­door zichzelf. Na de dood van haar man schenkt ze geen aan­dacht meer aan de liefde, tot een knappe vriend plots terugkomt van een ont­dekkingsreis. Hij heeft een vrouw en zoon, maar toch begin­nen ze een hart­stochtelijke affaire. Seks, sar­casme en exis­ten­tiële vra­gen … een op en top Franse film dus. 

Het ver­haal bez­it bit­ter weinig diep­gang, waar­door ook de emoties niet bin­nenkomen bij de kijk­er. Als San­dra voor de derde keer een traan laat op de bus, lijkt het bij­na komisch. Alles lijkt te draaien rond de affaire en het ver­lies van haar vad­er, maar ook deze zak­en bli­jven enorm opper­vlakkig: de affaire wordt tweemaal stopgezet en weer opges­tart zon­der een veran­der­ing in atti­tude of sit­u­atie, en de relatie tussen San­dra en haar vad­er zou heel hecht moeten zijn, maar er wordt nooit gehint naar herin­ner­in­gen die dat beves­ti­gen.

Na bij­na twee uur van dit ‘will they, won’t they’-ver­haal, gaat er een zucht van oplucht­ing door de zaal wan­neer de aftitel­ing tevoorschi­jn komt. Het was vecht­en tegen de slaap door een fun­da­menteel gebrek aan ver­haal. ‘Un beau matin’ wek­te geen grein­t­je sym­pa­thie op voor de per­son­ages, enkel een lach of wat lichte irri­tatie.

Joy (Elis­a­beth Banks), een huisvrouw in het Chica­go van de jaren 70, is zwanger. Wan­neer ze plots ineen­stort, blijkt dat haar hart een volledi­ge zwanger­schap niet zal halen. Het zieken­huis wil niet ingri­jpen, tenslotte haalt 50 % van de vrouwen met deze aan­doen­ing het gewoon. Joy zoekt naar een manier om haar zwanger­schap af te breken en komt dan terecht bij ‘Call Jane’, een col­lec­tief dat vrouwen aan een abor­tus helpt. Een kor­re­lig beeld, de ken­merk­ende vinylplaten­ruis in de muziek en een tele­foon met een krul­s­no­er. Het is duidelijk: we zijn in de jaren 70. In de sfeer­schep­ping van deze film klopt alles.

De manier waarop regis­seur Phyl­lis Nagy een niet-offi­ciële abor­tus besloot uit te beelden, gri­jpt je bij de keel. In een steriele ruimte met een dok­ter die je als een tand­wielt­je van zijn win­st­mod­el ziet, met nie­mand om je hand vast te houden. De scène bli­jft je bij, zoals enkel een goeie scène dat kan doen. Wat verder in de film wordt duidelijk dat het niet alleen draait om het ver­haal van het klassieke blonde, rijke hoofd­per­son­age. Er zijn zoveel rede­nen om een abor­tus­in­greep te lat­en doen en het col­lec­tief oordeelt niet. De diver­siteit die aan bod komt, is prachtig.

Toch lijkt het ver­haal op momenten iets te sim­plis­tisch. Joy lijkt wel erg snel over haar abor­tus heen te ger­ak­en, de vol­gende scène is ze gewoon weer de oude. Ze heeft geen pijn en totaal geen slecht gevoel. Dat is natu­urlijk mogelijk, maar het is ook een beet­je een plat­ge­trapt film­cliché dat een juiste keuze een intern con­flict uit­sluit.

‘Alcar­ràs’ is een klein dor­p­je in Cat­alonië, Span­je. De gelijk­namige film, door Car­la Simón, is een momen­top­name uit het lev­en van een fam­i­lie perziken­tel­ers. De fam­i­lie leeft al gen­er­aties lang van het land en de oog­sten, tot blijkt dat de eige­naar het land wil verkopen en er zon­nepan­e­len op wil zetten. De fam­i­lie raakt verdeeld over hoe ze moeten omgaan met dit nieuws. Dat is ongeveer ook waar het ver­haal stopt. De tel­ers vor­men een heel grote fam­i­lie, maar de ver­ban­den wor­den nooit echt duidelijk gemaakt. Er is een puberende dochter die alti­jd gefrus­treerd lijkt, een zoon die nooit iets goed doet en drie kleine kinderen die in de velden spe­len. Welke kinderen van welke vol­wasse­nen zijn, is bij momenten moeil­ijk te vol­gen. De per­son­ages wor­den ook niet echt geïn­tro­duceerd. Soms duiken ze plots op met de uit­leg: “Zij wonen niet hier, maar in de grote stad.” De kijk­er moet zelf dan maar kiezen of ze zijn gekomen om te helpen met de oogst, of voor de grote fam­i­lier­aad.

Wel is de omgev­ing prachtig in beeld gebracht. De stil­staande beelden in deze film zijn echte par­elt­jes, maar het ver­haal is zoek. Het einde laat de kijk­er vooral ver­ward achter. Niets wordt verder uit­gelegd en een oploss­ing is er al hele­maal niet. Dat is ook niet alti­jd nodig, maar dan is er wel een ander eind­punt nodig. ‘Alcar­ràs’ is een mooi dorp om een vakantie door te bren­gen, maar de film is niet meteen een aan­rad­er.

Keiz­erin Sisi is een fascinerend figu­ur. Niet alleen omdat haar naam bestaat uit een ver­dubbel­ing van het Spaanse woord voor ‘ja’, maar ook omdat ze Oost­en­rijk en Hon­gar­i­je voor een tijd­je heeft eenge­maakt. Dat is eigen­lijk alle achter­grond die je als kijk­er nodig hebt, omdat deze film absolu­ut niet draait rond de his­torische gebeurtenis­sen omtrent de keiz­erin.

‘Cor­sage’ is een echte ver­friss­ing voor een kos­tu­um­dra­ma, en al zek­er voor een biopic te zijn. De film zoomt volledig in op het per­son­age van Sisi en haar reis door het keiz­erin­schap, wat zij als een men­tale gevan­ge­nis ervaart. Dat doet de film echter bij­zon­der traag, soms zelfs té traag aan­voe­len. Tegen het derde bedri­jf valt de film als het ware stil, wat al snel tot een gevoel van verveling lei­dt. 

Cin­e­matografisch is de film echter fascinerend, met veel wijde shots van lege ruimtes en lege per­son­ages. De film slaagt er op die manier goed in om de leegte die Sisi voelt in een uit­gestor­ven paleis te tonen. Ook de muziek is above par. Wel is de film qua chronolo­gie vrij ver­war­rend, wat zek­er niet helpt bij het verveelde gevoel waar je als kijk­er mee achterbli­jft. 

Een ste­vig kos­tu­um­dra­ma dus, dat hier en daar toch wel een steek laat vallen.