Schamper groet student


In tij­den waarin het bon ton is om stu­den­ten te groeten, is het niet meer dan passend dat ook Scham­per zijn groeten over­brengt aan de stu­dent. Het zijn innige groeten, ontspro­ten aan een wel­ge­meende affec­tie voor u, onze lez­er, die ons per slot van reken­ing in staat stelt om menige sub­si­die van onze uni­ver­siteit bin­nen…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 23/09/2018 – 15:56 door Pieter­jan Schep­ens

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.


In tij­den waarin het bon ton is om stu­den­ten te groeten, is het niet meer dan passend dat ook Scham­per zijn groeten over­brengt aan de stu­dent. Het zijn innige groeten, ontspro­ten aan een wel­ge­meende affec­tie voor u, onze lez­er, die ons per slot van reken­ing in staat stelt om menige sub­si­die van onze uni­ver­siteit bin­nen te rijven. Een sub­si­die, wel­tev­er­staan, die wij prompt weer aan onze drukker over­handi­gen, steeds geanimeerd door affec­tie voor u, onze lez­er, stu­dent. Stu­dent, wees gegroet.

De stu­dent mag blij zijn met zijn vele groeten. De Fac­ul­teit Let­teren en Wijs­begeerte groet hem, het mon­i­toraat groet hem, pro­fes­sor X groet hem, pro­fes­sor Y groet hem, en als de stu­dent ‘s avonds thuiskomt, groet ook zijn kot­baas hem. Het wordt een land waarin iedereen blij is elka­ar te zien.

Maar Scham­per zou zijn dieprode verleden niet waard zijn als zijn hoof­dredac­teur de vele groeten van de UGent niet iet­wat hol vond klinken. Het ver­di­ent aan­bevel­ing dat de uni­ver­siteit aan­weziger probeert te zijn in het straat­beeld, en dat de uni­ver­siteit in deze tij­den van inter­na­tion­alis­er­ing zijn heil niet enkel in Korea of zelfs Kor­trijk, maar vooral in het eigen Gent zoekt. Maar moet dat werke­lijk op die afgelek­te manier, die schree­uwt dat een leg­er mar­ke­teers zich op de zaak heeft gestort?

Ik denk terug aan de 200 jaar UGent-cam­pagne, en het eerste beeld dat voor mijn ogen flitst, is het strakke let­ter­type, waarin ik, wan­neer ik mij goed con­cen­treer, nog de slo­gan “UGent 20.0 – Een geschiede­nis vol toekomst” ont­waar. Twee­hon­derd jaar bestond de uni­ver­siteit, en iedereen moest het weten. Maar wat er in die 200 jaar gebeurd was, deed er niet toe. Een geschiede­nis vol toekomst ver­w­erd tot een geschiede­nis die al even onbek­end was als die toekomst. Zolang iedereen maar wist dat de UGent 200 jaar bestond, en zolang iedereen maar weet dat de UGent stu­den­ten groet.

Dit is niet het resul­taat van kwade wil. De uni­ver­siteit kan zich niet per­mit­teren om zich in een toren op te sluiten, waar het stad en wereld niet ziet. Uni­ver­siteit, bedenk dat je uni­ver­siteit bent: je hebt meer te vertellen dan het doorsnee bedri­jf. Sta mij daarom een boutade toe: mar­ket­ing is te belan­grijk om te wor­den overge­lat­en aan de mar­ke­teers. Helaas moet ik met pijn in het hart erken­nen dat voor­noemde mar­ke­teers hun werk goed doen. Als bewi­js leg ik deze pag­i­na voor, een pag­i­na aan­dacht voor een cam­pagne gemaakt door afgelek­te mar­ke­teers. Ik had over geschiede­nis kun­nen schri­jven.