Psychofobie


Psy­chofo­bie (de; v): 1. de irra­tionele angst om je gedacht­en aan een psy­choloog toe te vertrouwen (neol­o­gisme). Zelf ben ik, uit ervar­ing, over­tu­igd van de effecten die gesprekken met een psy­choloog en daar­bij aanslui­tende ther­a­pie kun­nen hebben op het welz­i­jn van mezelf en anderen. Vaak lijkt het echter alsof ik tot de min­der­heid behoor. Waarom rust er in…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 6/11/2017 – 8:58 door Timme Cra­eye

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Psy­chofo­bie (de; v): 1. de irra­tionele angst om je gedacht­en aan een psy­choloog toe te vertrouwen (neol­o­gisme). Zelf ben ik, uit ervar­ing, over­tu­igd van de effecten die gesprekken met een psy­choloog en daar­bij aanslui­tende ther­a­pie kun­nen hebben op het welz­i­jn van mezelf en anderen. Vaak lijkt het echter alsof ik tot de min­der­heid behoor. Waarom rust er in 2017 nog steeds een taboe op het onder­w­erp men­taal welz­i­jn? Geld speelt, zoals in elk onderdeel van ons lev­en, een belan­grijke rol. Een sessie bij een psy­choloog kost al gauw 60 euro. Wan­neer een ther­a­pie meerdere maan­den in beslag neemt, loopt die pri­js gemakke­lijk op tot in de hon­der­den. Slechts in enkele gevallen betaalt de ziek­tev­erzek­er­ing een deel daar­van terug. Om die reden wor­den ther­a­piesessies te vaak beschouwd als een bezigheid van de elite. Boven­di­en heerst nog de belan­grijke, vaak doorslaggevende fac­tor van schaamte. Wan­neer vrien­den hun prob­le­men met mij delen, is het voor mij geen big deal om hun aan te raden eens met een pro­fes­sion­al te gaan prat­en. “Het helpt om je bewust te wor­den van de lim­i­eten van je eigen denken en een pro­fes­sionele, ver­ruimende input te kri­j­gen”, probeer ik hen te over­halen. Zo’n voors­tel wordt vaak weggelachen, waar­na ze nerveus aan hun drankje nip­pen: “Zo erg is het bij mij niet”, “Ik denk niet dat dat mij kan helpen”.

“Het helpt om je bewust te wor­den van de lim­i­eten van je eigen denken en een pro­fes­sionele, ver­ruimende imput te kri­j­gen”

Het stig­ma is in zulke sit­u­aties nog duidelijk merk­baar (cue de interne zucht). Ik ben ervan over­tu­igd dat eens mensen zien dat ze niet con­stant met argu­so­gen geanaly­seerd wor­den, ze van die angst voor het onbek­ende zullen ver­lost wor­den. In mijn utopia zou een psy­choloog dan ook gelijkgesteld wor­den aan een hoof­darts. Heb je een fysieke kwaal? Ga naar de huis­arts. Prob­le­men waar je niet meteen een antwo­ord op hebt? Even stop­pen bij de ther­a­peut. Vol­gens mij is een dergelijke evo­lu­tie van essen­tieel belang in onze presta­tiegerichte maatschap­pij. Er wordt dagelijks veel van ons gevraagd en we hebben onbe­wust steeds min­der tijd en aan­dacht om onze gedacht­en te lat­en bezinken en te bevra­gen. Nochtans is onze geest de con­stante fac­tor waarmee we in ons lev­en gecon­fron­teerd wor­den: in goede en kwade dagen wor­den we wakker en delen we het bed met onze gedacht­en. Als daarin iets fout­loopt, kan het noodza­ke­lijk zijn om tijdig hulp in te roepen. Ik weet in elk geval dat het niet erg leuk was om mezelf tien jaar lang af te vra­gen wat er fout ging van­boven, en het was in geen geval bevorder­lijk voor mijn welz­i­jn. Zelf ben ik dus, uit ervar­ing, over­tu­igd van de effecten die gesprekken met een psy­choloog en daar­bij aanslui­tende ther­a­pie kun­nen hebben op het welz­i­jn van mezelf en anderen. Het is beter om ’te snel’ naar een ther­a­peut te stap­pen, dan daar te lang mee te wacht­en. Taboe mag geen voor­rang kri­j­gen op ons welz­i­jn.