Portfolio: Sofie Bussé


Elke week biedt Portfolio een platform aan een kunststudent of artiest om hun werk voor de eerste keer met de buitenwereld te delen. 

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 5/10/2020 – 10:38 door Ayala Istas

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Sofie Bussé is 20 jaar, stu­dente Mixed Media aan Sint-Lucas Gent en zoek­ende: “Ik stel voort­durend vra­gen, over alles, maar antwo­or­den vin­den is onbe­lan­grijk.” 

Haar instal­latiew­erk is een kruis­ing van het absurde, het mys­terieuze en serendip­iteit. Inspi­ratie put ze uit de buiten­wereld en alle toe­val­lighe­den erin, haar eigen ervarin­gen en een gevoel­swereld die ze met knip- en plak­w­erk con­strueert tot een visuele en audi­tieve col­lage. Zelf deelt ze geen foto’s van haar video-instal­laties, want die vin­dt ze door de ruimtelijkheid van het medi­um veel te beperkt. “De omstaan­der is zelf een onmis­baar onderdeel van het werk, zon­der wie het nooit com­pleet zou zijn. Ik speel graag met de unieke ervar­ing van de toeschouw­er.” Bussé raak­te gefasci­neerd door kun­ste­naars als Bruce Nau­man en Bar­bara Krueger door hun omgang met taal en het menselijke. Zij staan als kun­ste­naars ook niet tussen het pub­liek en de kun­st in. “Als ik een werk maak, denk ik niet ‘wat betekent dit voor andere mensen?’ Er zit wel steeds een rode draad in mijn werk, maar die deel ik liev­er niet mee. Het is aan de toeschouw­er om die te ont­dekken. Ik vind het zelf ook inter­es­sant als in ten­toon­stellin­gen de dialoog tussen kun­ste­naar en werk open­ge­lat­en wordt.” In gesprek gaan met die omstaan­ders en hun menin­gen ziet ze als iets enorm inter­es­sant en belan­grijk, maar het werk uit­leggen zal ze niet doen. “Kun­st moet niet alti­jd uit­gelegd wor­den: er hoeft niet per se een reden of een dieper liggende beteke­nis te zijn.” 

Dualiteit, con­tra­dic­tie en ritme zijn even­zeer veelvuldig terugk­erende fac­toren in het cre­atiepro­ces. En prikkels. Elk detail telt: gelu­id, woord en beeld. Niets is ondergeschikt aan elka­ar. Dat is wederom een vraag: “Hoe stel ik alle media gelijk aan elka­ar? Kan dat wel? Of is dat afhanke­lijk van de ervar­ing van de indi­vidu­ele toeschouw­er?” Met een blik op Bussés noti­tieboek­je lijkt de stapel onbeant­wo­orde vra­gen onu­it­put­baar, eve­nals de mogelijkheid tot exper­i­menteren. “Het pro­ces is ook dat­gene dat me lev­en laat voe­len, zelfs in het twi­jfelachtige en het exis­ten­tiële. Het geeft me de adren­a­line die ik nodig heb, waar ik gelukkig van word.”