“Pak uw pillen toch eens, man”


Freelancejournaliste, archeologe en ex-Schamperredactrice Jessie Van Cauter kroop in haar pen. Ze schreef over het stigma dat ook vandaag nog aan psychische problemen kleeft: "Psychisch leed is even reëel en even pijnlijk als fysieke pijn. De scheiding tussen beide is een absurditeit."

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 26/03/2018 – 9:12 door

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Jessie

Een paar weken gele­den las ik enkele tweets van een hoogge­plaat­ste polit­i­ca ter rechterz­i­jde: “Pak uw pillen toch eens man. (…)”, “Hoe ziek kan je zijn. Zoek eens medis­che hulp (…)”. De con­text, namelijk de mod­der­poel die Twit­ter vaak is, maakt het onmisken­baar duidelijk: allusies op psy­chis­che prob­le­men wor­den gebruikt als scheld­wo­ord, ad hominem.

“Waar maak jij je druk om?” hoor ik u vra­gen. Inder­daad, dit soort uit­sprak­en komt zo vaak voor dat weini­gen er nog van opkijken. Zelf herin­ner ik me Tom Lenaerts die een dik jaar gele­den tij­dens een quiz makke­lijke lach­pun­ten sco­orde door nog maar eens ‘de zot­ten van Geel’ in hun hemd te zetten.

Toch raakt dit me recht in mijn ziel. Zow­el mijn oud­ers als ikzelf hebben al veel onn­odig gele­den onder het taboe dat op psy­chis­che kwets­baarheid rust. Zelf ben ik hoogopgeleid, en mijn depressie was slechts van tijdelijke aard. Dat maakt mij nog aan­vaard­baar voor de goege­meente, hoewel ook dat een recent fenomeen is. Een medeschuldig stilzwi­j­gen – vaak eigen aan de suc­cesvolle, witte, katholieke mid­den­klasse – maak­te mijn schoolti­jd tot een pijn­lijke, gro­ten­deels een­zame peri­ode.

Bij mijn bei­de oud­ers ligt het anders. Zij worste­len al sinds hun jongvol­wassen­heid met een chro­nis­che psy­chis­che ziek­te. Jawel, ziek­te. Geen ‘gevoe­ligheid’, geen ‘kwets­baarheid’, geen ‘prob­le­men’. Die woor­den dekken niet de ernst van hun aan­doen­ing, noch erken­nen ze het feit dat mijn moed­er en vad­er geen enkel aan­deel hebben in de kaarten die hen wer­den toebe­deeld. U moet weten: psy­chisch leed is even reëel en even pijn­lijk als fysieke pijn. Meer nog, een schei­d­ing tussen bei­de is een absur­diteit. Maar het taboe en het stig­ma mak­en het nog veel zwaarder dan het al is. En wan­neer leed van gelijk welke orde niet wordt erk­end, wordt het bestendigd en plant het zich voort. Dan dijt het uit als een olievlek en kan het een hele samen­lev­ing schaden. In dit licht het schokkende cijfer dat ongeveer 1,2 miljoen Bel­gen, waaron­der ikzelf, anti­de­pres­si­va nemen.

“Mogen we nu ook al niet meer lachen?”

Cam­pagnes als ‘Te Gek?!’, maar ook belangenor­gan­isaties als de Vlaamse Verenig­ing voor Geestelijke Gezond­heid en Sim­i­les, hoe goedbe­doeld ook, preken vee­lal voor de eigen parochie van hoogopgelei­de, links-lib­erale der­tigers en veer­tigers. Het hoeft daarom niet te ver­won­deren dat hun focus vaak ligt op acute depressie en burn-out. Ja, het is ook belan­grijk om dit taboe te door­breken, maar wat mij betre­ft, gaan zij niet ver genoeg. Ze bren­gen zo goed als geen veran­der­ing op vlak van beeld­vorm­ing rond chro­nis­che psy­chis­che aan­doenin­gen. Dat lat­en we liev­er over aan pak­weg een Luc Alloo.

“Zeg, mogen we nu ook al niet meer lachen?” hoor ik u veront­waardigd vra­gen. Natu­urlijk wel! We moeten lachen! Het alter­natief is wenen. We moeten op humoris­tis­che wijze taboes door­breken, maar niet beves­ti­gen vanu­it een posi­tie van blind, doof, en vaak zelfs goedbe­doeld priv­i­lege. Daarom ben ik zo aan­ge­naam ver­rast, blij, ontroerd, zelfs een beet­je extatisch over ‘Taboe’ van Philippe Geubels. Op een te weinig geziene manier laat hij kwets­bare min­der­he­den in hun waardigheid. Hij kleeft een gezicht op ‘de armoeza­aier’, ‘de zot’. Dat doet hij met respect, met tact en vooral in een sfeer van samen­werk­ing en gelijk­waardigheid. Die aan­pak maakt het pro­gram­ma zo taboe­door­brek­end.

Ik maak me geen illusies. Er is meer nodig dat dat. Het is slechts een begin, maar lat­en we samen taboes – groot en klein – door­breken. Niet door grove, kwet­sende uit­sprak­en, maar door tact, menselijkheid. En oh ja, door humor.