LONGREAD: Eigen onderzoek eerst


"Literatuur en kunst kunnen mensen raken op een manier die de pure feiten op zich kennelijk niet vermogen." Prof. Stef Craps doet literair onderzoek naar de verbeelding rond klimaatverandering, want misschien ligt daar wel onze redding, of op ten minste troost.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 10/03/2020 – 11:36 door Lena Ver­cauteren

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Wat heeft ervoor gezorgd dat u onder­zoek wou doen rond kli­maatveran­der­ing en fic­tie?

“Mijn inter­esse voor de lit­eraire respons op de kli­maatveran­der­ing begon een vijf­tal jaar gele­den. Dat kwam enerz­i­jds door­dat er mas­saal veel kli­maat­fic­tie begon te ver­schi­j­nen, ook van de hand van bek­ende lit­eraire auteurs en dat vroeger eerder een mar­gin­aal fenomeen was. Behalve dat je er dus nog moeil­ijk naast kon kijken, was ik anderz­i­jds ook nieuws­gierig naar de manier waarop schri­jvers omgaan met de esthetis­che, ethis­che en exis­ten­tiële uitdagin­gen die een opwar­mende pla­neet met zich mee­brengt.”

“Mijn werk gaat al lang over hoe lit­er­atu­ur het ‘onu­it­spreke­lijke’ of ‘onrep­re­sen­teer­bare’ tra­cht weer te geven. Meestal ging het dan over trau­ma­tis­che gebeurtenis­sen of ervarin­gen, zoals oor­log, geno­cide, ter­ror­isme, kolo­nial­isme of slav­ernij. De kli­maatop­warm­ing is echter even­min een cadeau voor schri­jvers, want door de schaal­g­rootte en com­plex­iteit ervan is hun gebruike­lijke arse­naal aan ver­haalvor­men onto­ereik­end om ze recht aan te doen. Van­daar dat ik mij ben begin­nen te verdiepen in de lit­eraire ver­beeld­ing van de kli­maatveran­der­ing. Er is dus wel een zekere con­tin­uïteit tussen mijn eerdere onder­zoek over trau­malit­er­atu­ur en mijn huidi­ge onder­zoek over kli­maat­fic­tie.”

Ze daagt de menselijke ver­beeld­ing uit, stelt de idee van wat het betekent mens te zijn fun­da­menteel ter dis­cussie

Op welke manier kan fic­tie omgaan met kli­maatveran­der­ing waar weten­schap dat niet kan?

“De kli­maatveran­der­ing wordt gewoon­lijk beschouwd als een strikt weten­schap­pelijk, economisch of tech­nol­o­gisch prob­leem. Ze roept echter ook diep­gaande vra­gen op met betrekking tot beteke­nis, waar­den en recht­vaardigheid aangezien ze geves­tigde zienswi­jzen en manieren van in-de-wereld-zijn op losse schroeven zet. Ze daagt de menselijke ver­beeld­ing uit, stelt de idee van wat het betekent mens te zijn fun­da­menteel ter dis­cussie en dwingt ons ertoe onze relatie tot de wereld en tot elka­ar te herover­we­gen. Het lijkt mij dan ook belan­grijk dat humane weten­schap­pers zich over het kli­maatvraagstuk buigen, onder andere door inzicht te proberen te ver­w­er­ven in hoe de kli­maatveran­der­ing cul­tureel wordt geme­dieerd en geïn­ter­pre­teerd, bijvoor­beeld in fic­tie.”

“Ik ver­wi­js graag naar de emi­nente kli­maatweten­schap­per Mike Hulme. Hij roept op tot over­brug­ging van de kloof tussen de harde en de zachte weten­schap­pen, want een meer inclusieve en omvat­tende benader­ing van de studie van de kli­maatveran­der­ing, niet alleen als een fysieke realiteit maar ook als een socio-cul­tureel gegeven zou vol­gens hem veel vrucht­baarder en effec­tiev­er zijn.

“Dat we er met weten­schap­pelijke feit­enken­nis alleen niet zullen komen, is intussen wel duidelijk. De IPCC-rap­porten van de laat­ste drie decen­nia hebben bit­ter weinig zoden aan de dijk gezet om een effec­tieve kli­maat­ac­tie te bew­erk­stel­li­gen. Ken­nis over de ernst van de kli­maat­cri­sis op zich lei­dt blijk­baar niet tot betekenisvolle actie tegen de opwarm­ing van de aarde. Lit­er­atu­ur en kun­st kun­nen mensen rak­en op een manier die de pure feit­en op zich ken­nelijk niet ver­mo­gen. Zij lijken een uniek poten­tieel te hebben dat kan wor­den aange­spro­ken, zodat mensen zich echt zouden begin­nen te bekom­meren om het kli­maat. Lit­er­atu­ur kan iets eerder abstracts als kli­maatveran­der­ing tast­baar en con­creet mak­en door lez­ers uit te nodi­gen om zich in te lev­en in de ervar­ing van mensen uit andere tij­den, cul­turen, lan­den en sit­u­aties en door hen te con­fron­teren met de impact van menselijke activiteit­en op de niet-menselijke wereld. Zo kan kli­maat­fic­tie invloed uitoe­fe­nen op bestaande denkkaders en atti­tudes met betrekking tot de kli­maatk­west­ie. Dat is althans de hoop die veel schri­jvers én onder­zoek­ers van dit soort lit­er­atu­ur koesteren.”

Lit­er­atu­ur en kun­st kun­nen mensen rak­en op een manier die de pure feit­en op zich ken­nelijk niet ver­mo­gen

Geldt kli­maat­fic­tie voor u als een vorm van ecol­o­gisch activisme? Waarom wel of niet?

“Ik huiver zelf van een louter instru­men­tal­is­tis­che visie die lit­er­atu­ur reduceert tot eco-pro­pa­gan­da. Tegelijk kan je niet om de vast­stelling heen dat veel lit­er­atu­ur over de ontregeling van het kli­maat en het milieu voortkomt uit een diepe bezorgdheid over de kli­maat- en ecol­o­gis­che cri­sis waar we op afsteve­nen, voor zover we ons er nu al niet in bevin­den. Het ver­lan­gen dat eraan ten grond­slag ligt, is vaak om die peni­bele sit­u­atie ten goede te helpen keren mid­dels een artistieke inter­ven­tie. De pop­u­lar­iteit van kli­maat­fic­tie is wellicht ook deels toe te schri­jven aan de aan­name of althans de hoop dat dat effec­tief mogelijk is. Artikels in de media die aan het fenomeen zijn gewi­jd, wer­pen niet zelden de vraag op of lit­er­atu­ur het kli­maat kan red­den. Ze doen dat meestal half lacherig, maar toch: dat idee leeft echt wel. Het is niet toe­val­lig dat milieube­weg­in­gen als 350.org, Green­peace en Extinc­tion Rebel­lion tegen­wo­ordig hun toevlucht zoeken tot lit­er­atu­ur en kun­st, vaak uit de frus­tratie dat con­ven­tionele cam­pagnes die hameren op de naak­te feit­en weinig uithalen. Er is ook wel enig empirisch bewi­js voor de stelling dat kli­maat­fic­tie mensen een ecol­o­gisch bewustz­i­jn kan bijbren­gen en hen kan aanzetten tot gedragsveran­der­ing, al zou er gerust wat meer recep­tie-onder­zoek mogen gebeuren.”

“Overi­gens zou je ook de studie van dit soort fic­tie kun­nen beschouwen als een vorm van ecol­o­gisch activisme. De ecokri­tiek, de stro­ming bin­nen de lit­er­atu­ur­weten­schap die de relatie tussen lit­er­atu­ur en de fysieke omgev­ing bestudeert, heeft tenslotte alti­jd al een maatschap­pijkri­tisch karak­ter en in zekere zin zelfs een poli­tieke agen­da gehad. Net als het postkolo­nial­isme of het fem­i­nisme verzet de ecokri­tiek zich tegen een vorm van dom­i­nantiedenken, dat de mens boven de rest van de natu­ur plaatst. Je kan de werk­ing van lit­eraire tek­sten met een ecol­o­gis­che inslag natu­urlijk per­fect analy­seren zon­der dat je zelf per se een groene jon­gen of meis­je hoeft te zijn. Dat gezegd zijnde klopt het wel, denk ik, dat een dergelijke inter­esse typ­isch terug te voeren is op ongerus­theid over de toe­s­tand van milieu en kli­maat, en dat wie ecol­o­gis­che lit­er­atu­ur onder­zoekt, alti­jd ergens toch gelooft of hoopt dat zijn of haar bevin­din­gen een ver­schil kun­nen mak­en.”

“Dat geldt ook voor mij. De kli­maat­fic­tie waar ik vooral op focus, is eerder avant-gardis­tisch en spreekt dus een niche-puliek aan, maar toch ben ik per­soon­lijk over­tu­igd van de rel­e­vantie van dat soort werk voor de bredere samen­lev­ing. Lit­er­atu­ur en kun­st zijn in mijn ogen een cul­tureel lab­o­ra­to­ri­um waarin volop wordt geëx­per­i­menteerd met nieuwe vertel­tech­nieken en manieren om de kli­maat­cri­sis bevat­telijk en bespreek­baar te mak­en. Die exper­i­menten kun­nen ver­vol­gens prak­tis­che toepassin­gen vin­den in meer cre­atieve, en hopelijk meer effec­tieve, vor­men van kli­maat­com­mu­ni­catie naar het grote pub­liek.”

Het bli­jft niet enkel bij onder­zoek. U bent mede­or­gan­isator van het even­e­ment ‘Traag geweld’, over lit­er­atu­ur, kun­st en kli­maatveran­der­ing. Kan u daar iets meer over vertellen?

“ ‘Traag geweld’ is een gratis pub­liek­sev­en­e­ment dat plaatsvin­dt in Kun­sten­cen­trum Vooruit op woens­dag 18 maart om 20 u. Schri­jvers, kun­ste­naars en aca­d­e­mi­ci zullen samen nadenken over hoe, waarom en waar­toe de kli­maatveran­der­ing artistiek weergegeven kan of zou moeten wor­den. Op het pro­gram­ma staan onder andere een lez­ing door the­ater­mak­er Alexan­der Devriendt, een pan­elge­sprek met behalve Alexan­der ook kli­maat­ac­tivist en film­mak­er Nic Balt­haz­ar, dichter Moya De Feyter en pro­fes­sor the­ater­weten­schap Chris­tel Stal­paert, en een optre­den van slam poet Hind Elja­did. We mikken op een breed pub­liek van stu­den­ten en andere belang­stel­len­den. Iedereen is dus van harte welkom. De avond wordt afges­loten met de pri­j­suit­reik­ing van een schri­jfwed­stri­jd over kli­maatveran­der­ing voor Gentse scholieren en stu­den­ten die de vak­groep Let­terkunde en de stu­den­ten­v­erenig­ing Prometheus samen hebben geor­gan­iseerd.”

“De aan­lei­d­ing is de vast­stelling dat er vanalles begint te bewe­gen in de lit­eraire en artistieke wereld in Vlaan­deren en Ned­er­land met betrekking tot het kli­maat. Je kan moeil­ijk zeggen dat we inter­na­tion­aal een voortrekker­srol spe­len op dat vlak. Zek­er in vergelijk­ing met de Engel­stal­ige wereld zijn wij in de Lage Lan­den eerder op achter­vol­gen aangewezen. Het is eigen­lijk pas sinds de laat­ste jaren dat Ned­er­land­stal­ige schri­jvers en kun­ste­naars zich met de kli­maatveran­der­ing zijn gaan bezighouden, en dan nog alti­jd niet echt in groten getale. Dat is best wel ver­won­der­lijk gezien het feit dat de Lage Lan­den behoor­lijk kwets­baar zijn voor over­stro­min­gen door de sti­j­gende zeespiegel.”