Hou je doop dope


Aan het begin van elk academiejaar is het vaste prik: studentenverenigingen lijven nieuwe leden in met een doop. Johannes de Doper is helaas niet meer onder de levenden, maar gelukkig is er het Doopdecreet om alles in goede banen te leiden.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 16/09/2024 – 6:26 door Anaïs Vanass­che

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Doopdecreet?

Het Doopde­creet is een tekst die op ini­ti­atief van de kon­ven­ten in samen­werk­ing met de hogeron­der­wi­jsin­stellin­gen en Stad Gent is geschreven om het doopge­beuren vlot te lat­en ver­lopen. Alle erk­ende Gentse verenigin­gen hebben inspraak via de kon­ven­ten en onderteke­nen plichts­getrouw de afgew­erk­te tekst op 2 okto­ber. Aan niet-nalev­ing zijn sanc­ties ver­bon­den. Er is een con­trol­erende instantie ingericht die hierop toezi­et.

Ken je rechten

De verenig­ing moet je op de hoogte bren­gen van de inhoud van het Doopde­creet. Ben je van mening dat een bepaald aspect van de doop in stri­jd is met het decreet, dan heb je het recht om con­tact op te nemen met de con­trol­erende instantie.

Artikel 2 voorzi­et een recht op uit­tred­ing. Je kunt op een­der welk moment beslis­sen om te stop­pen met de doop. Wil je een bepaalde proef niet onder­gaan, dan moet de verenig­ing je een alter­natief aan­bieden dat niet erg­er is dan de oor­spronke­lijke opdracht. De verenig­ing moet je vra­gen naar medis­che aan­dacht­spun­ten en ze moet hier­mee reken­ing houden tij­dens de opdracht­en.

De verenig­ing mag je geen toe­gang tot de doop ontzeggen omdat je naar de les gaat, want je hebt op grond van artikel 7 het recht om je lessen te vol­gen. Je moet op zijn minst de mogelijkheid kri­j­gen om op gepaste wijze de onder­wi­js­ac­tiviteit­en in te halen.

Je kunt op een­der welk moment beslis­sen om te stop­pen met de doop

Je hebt vol­gens artikel 6 recht op de vervulling van je basis­be­hoeften tij­dens de duur van de activiteit. De doop­meesters zijn ver­ant­wo­ordelijk voor je fysieke en men­tale gezond­heid. Ze mogen je dus niet uit­put­ten met een overvloed aan zware opdracht­en. Je moet ook vol­doende voed­sel, water en nachtrust kri­j­gen.

Sterke drank, bloed en slachtafval

De ver­ant­wo­ordelijken en de toezichthoud­ers mogen tij­dens de doop geen alco­hol drinken. Ze mogen jou ook niet dwin­gen om dat te doen. Schacht­en dronken voeren mag niet het voor­naam­ste doel van de opdracht­en zijn. Vin­dt de doop buiten plaats, dan geldt een totaalver­bod op alco­hol. Voor sterke drank geldt, ongeacht de locatie, een nul­tol­er­antie.

De doop­meesters mogen geen slachtafval of bloed gebruiken tij­dens de doop. Lev­ende gew­ervelde dieren mogen niet betrokken wor­den. Lev­ende niet-gew­ervelde dieren mogen daar­ente­gen wel een rol spe­len in de opdracht­en, zolang ze niet gevaar­lijk zijn. De verenig­ing mag je dus insecten en wor­men voorschote­len, zolang ze kan bewi­jzen dat de pro­ducten aangekocht zijn in een voed­ingswinkel.

Artikel 11 ver­biedt gevaar­lijke pro­ducten voor con­sump­tie. De schacht­en­tem­mers mogen je daarom onder geen enkel bed­ing schadelijke chemis­che stof­fen, risi­co­houdende com­bi­naties van stof­fen, rauwe eieren, rauw vlees en ver­vallen voed­ing­spro­ducten aan­bieden.

De verenig­ing moet vol­gens artikel 13 alti­jd respect tonen voor je psy­chis­che en fysieke integriteit. Het doop­comité mag eisen dat je je ned­erig opstelt, maar in geen enkel geval is het oké dat je indi­vidueel verned­erd wordt op basis van je ras, gen­der, geaard­heid of andere dis­crim­i­na­toire ver­schillen. De con­trol­erende instantie voorzi­et vertrouwen­scon­tacten bij wie je gedurende de hele doop terechtkan voor vra­gen en bij prob­le­men.