Heet van de naald


Alternatieven voor de standaard geneeskunde, zoals homeopathie en osteopathie, groeien aan populariteit. Acupunctuur is ook aan een opmars bezig. Maar hoe werkt het precies, dat naaldjes prikken? Een gesprek met Karin Keppens, acupuncturist in Gent. 

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 15/12/2016 – 14:26 door Timme Cra­eye

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Veel stu­den­ten zouden baat hebben bij acupunc­tu­ur, dat is althans wat wij eruit opmak­en. De tech­niek zou namelijk heel wat studiegere­la­teerde klacht­en, zoals stress en span­ning­shoofd­pi­jn, kun­nen ver­licht­en. Maar dat ver­haal over yin en yang, merid­i­a­nen, energieba­nen en vari­anten, bent u daar­van op de hoogte? Velen zetten de acupunc­tu­ur daarom snel opz­ij als kwakza­lver­ij. Fair enough, maar niet iedereen mag zomaar naald­jes prikken in naam van de Geneeskunde: je mag jezelf pas acupunc­tur­ist noe­men na een afgeronde oplei­d­ing Ver­pleegkunde of Kine­sither­a­pie en min­stens 1500 uren aan acupunc­tu­uro­plei­d­ing. Er gaat wel degelijk wat aan vooraf dus. Tevens is het geen recent mod­e­v­er­schi­jnsel, aangezien acupunc­tu­ur als geneeswi­jze al 2000 jaar bestaat, met haar ontstaan in Chi­na. De acupunc­tur­is­ten hebben ook een erk­ende eigen organ­isatie, BAF (Bel­gium Acupunc­ture Fed­er­a­tion), wat zich ver­taalt in het feit dat behan­delin­gen meestal deels terug­be­taald wor­den voor vijf tot tien keer.

Sport, pijn en energie

Karin Kep­pens door­prikt meteen het vooro­ordeel dat alle behan­delin­gen dezelfde zijn. Zo zijn er zow­el pijn- en sport­be­han­delin­gen als ener­getis­che sessies. “We gaan met een naald op een bepaald punt inprikken, en dat zorgt voor een chemis­che en elek­trische reac­tie,” verk­laart Kep­pens. “Je kan op ver­schil­lende manieren behan­de­len. Ik heb patiën­ten die gewoon komen voor een ener­getis­che behan­del­ing omdat ze merken dat ze meer energie nodig hebben. Daaren­boven behan­del ik ook pijn. De sportacupunc­tu­ur is dan weer, in tegen­stelling tot de andere, een volledig in Europa ontwikkelde vari­ant.” Een groot prob­leem dat acupunc­tur­is­ten ondervin­den, is dat dok­ters niet geneigd zijn patiën­ten door te ver­wi­jzen: “Het ligt heel moeil­ijk. Voor sportacupunc­tu­ur kan ik mensen vaak in drie of vier sessies van hun pijn ver­lossen, maar achter­af hecht­en hun dok­ters daar geen belang aan.” Stu­den­ten vin­den de weg naar een prak­tijk wel zon­der dok­ter. Zo heeft Kep­pens ver­schil­lende stu­den­ten die voor de exa­m­ens een ener­getis­che behan­del­ing onder­gaan: “Die acupunc­tu­ur werkt zich dan uit door­dat ze beter kun­nen slapen bijvoor­beeld, of ze kri­j­gen een energieboost.” Kep­pens merkt dat jon­gere mensen sneller de weg vin­den in open mind­ed ste­den zoals Gent dan bijvoor­beeld op het plat­te­land, omdat zij alles vaak nog te zwev­erig vin­den. “Je kan yin en yang ook niet aan iedereen uit­leggen,” zegt ze, “Mensen komen gewoon met hun klacht­en naar mij, ik vraag dan: ‘hoe kan ik helpen?’”

“We gaan met een naald op een bepaald punt inprikken, en dat zorgt voor een chemis­che en elek­trische reac­tie” – Karin Kep­pens

‘Open the gates’

De werk­wi­jze van acupunc­tu­ur  ver­schilt echter wel volledig van die van de West­erse geneeskunde. Het lichaam wordt bijvoor­beeld beschouwd als één geheel in een zoge­naamde holis­tis­che visie, ter­wi­jl “onze’’ geneeskunde vooral werkt door bepaalde symp­tomen te analy­seren. Ook baseert acupunc­tu­ur zich op de energie in het lichaam, ter­wi­jl west­erse geneeskunde zich focust op de anatomie van het lichaam. “Er zijn heel belan­grijke prikpun­ten die in bij­na elke behan­del­ing terugkomen. In de oplei­d­ing zullen de eerste pun­ten die je leert alti­jd de belan­grijk­ste zijn. Zo is er bijvoor­beeld wat wij noe­men ‘Open the gates’, een fre­quent gebruik­te meth­ode. Ze bestaat uit een lev­er­punt en een dikkedarm­punt: Alles wat eruit moet, moet eruit; en alles wat bin­nen mag komen, mag bin­nen. Natu­urlijk kun­nen we niet bij elke behan­del­ing dezelfde pun­ten gebruiken, want in totaal hebben we er ongeveer 356, ver­spreid over ons lichaam en die hebben alle­maal invloed op onze energieba­nen. We hebben merid­i­a­nen en we kun­nen daar­door veran­derin­gen in het lichaam teweeg bren­gen.” Die pun­ten en merid­i­a­nen zijn niet willekeurig gekozen op het lichaam, maar zijn weten­schap­pelijk onder­bouwd en onder­zocht:  “Onder­zoek­ers hebben vooral bekeken wat die acupunc­tu­ur­pun­ten eigen­lijk zijn. Ze hebben onder­zoeken uit­gevo­erd op dode lichamen en dok­ters hebben gezien dat er in de diepte een samenkomst is tussen zenuwen en bloed­vat­en. De merid­i­a­nen geven dan de prikkels via de zenuw­ba­nen verder.”

“Er zijn heel belan­grijke prikpun­ten die in bij­na elke behan­del­ing terugkomen” – Karin Kep­pens

Met naald, zonder draad

Een acupunc­tur­ist is niets zon­der zijn naalden, maar don’t be fooled: de ene naald is de andere niet. Kep­pens haalt een hele waaier aan naalden uit van onrust­wekkend groot naar minis­cu­ul klein. “De allerkle­in­sten zijn pleis­ters die op het oor geplaatst wor­den,” vertelt ze. Een haast onzicht­bare prikker wormt zich in je gehooror­gaan en moet onder andere helpen tegen de “zoet­ziek­te, je weet wel, te veel eten.” De naalden van con­ven­tionele grootte zijn bedoeld voor het lichaam en het gezicht. De gezicht­snaalden zijn iets klein­er, om begri­jpelijke rede­nen. De aller­g­root­ste soort is bedoeld voor heel diepe pun­ten: “Ooit had ik een patiënt die al drie jaar niet kon neerzit­ten. Toen heb ik met zo’n lange naald diep in haar dijbeen geprikt en zo dat prob­leem uitein­delijk opgelost.” Anders dan bij bloedtrekken, komt er bij acupunc­tu­ur heel weinig bloed kijken bij een behan­del­ing. De naalden werken zich een baan rond de bloed­vat­en, en niet erdoorheen zoals bij de naald van een spuit gebeurt. Daar­naast gebruikt Kep­pens elek­troshock­ap­pa­rat­en om prikpun­ten op een andere manier te stim­uleren. Ten slotte toont ze zoge­naamde kruiden­pleis­ters om op de rug te plakken. “Patiën­ten kijken alti­jd uit naar de geur, want die brengt hen ook tot rust,” weet Kep­pens ons te vertellen.

“Een acupunc­tur­ist is niets zon­der zijn naalden, maar don’t be fooled: de ene is de andere niet”

Recent heeft acupunc­tu­ur aan geloofwaardigheid gewon­nen in onze maatschap­pij, maar de geneeswi­jze botst nog steeds op kri­tiek en ongeloof. Door aan­hang­ers wordt ze geprezen als een geneesmid­del zon­der bijw­erkin­gen, bij crit­i­ci bestem­peld als kwakza­lver­ij. Of de tech­niek nu daad­w­erke­lijk werkt of vooral psy­chol­o­gis­che effecten heeft, maakt voor acupunc­tur­is­ten en tevre­den patiën­ten in elk geval weinig uit.