Halt aan seksueel geweld


Op woensdag 30 november lanceerde de Universiteit Gent het initiatief ANSER, een nieuwe internationale samenwerking rond seksuele en reproductieve gezondheid. Hoe past dat binnen het beleid van staatssecretaris Elke Sleurs – zelf een gynaecologe?

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 30/11/2016 – 19:50 ANSER Wat te doen in geval van nood? door Aari­cia Lam­brigt­sLau­ra Mas­sa

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Verkracht­ing en sek­sisme, het zijn maar enkele hete hangi­jz­ers waar Elke Sleurs dagelijks mee om de oren wordt ges­la­gen. “In het begin van mijn leg­is­latu­ur waren die zak­en geen pri­or­iteit, maar nu leeft het meer. Vrouwen komen meer en meer op voor zichzelf. Ik denk dat ik daar door mijn geschiede­nis als arts en gynae­cologe zek­er gevoeliger voor ben. Ik heb in mijn prak­tijk gezien welke lichamelijke en psy­chis­che schade er kan ontstaan bij slachtof­fers.” De regering maakt zich sterk dat het actieplan de maatschap­pij grondig zal her­vor­men. En dat moet vol­gens Sleurs ook van onderuit komen. “De pub­lieke opinie wordt steeds gevoeliger voor sek­sueel geweld, en dat is een goede zaak”, vertelt Sleurs.

Sensibilisering vanuit jongere zelf

Sleurs benadrukt meer­maals dat ze het belan­grijk vin­dt dat de stu­den­ten zelf met ini­ti­atieven langskomen. In plaats van hen een cam­pagne op te leggen, laat ze jonge mensen nadenken over zak­en zoals con­sent. Daar­bij heeft ze een een heel spec­i­fieke doel­groep van jonge vrouwen én man­nen voor ogen. Die laat­ste wil Sleurs vooral niet ver­geten. “Ook man­nen wor­den verkracht, natu­urlijk. (pauzeert) Vooral voor 18 à 19-jari­gen veran­dert er veel. Ze komen in een grotere groep terecht. Ze moeten voor zichzelf zor­gen … We weten dat we aan hen meer spec­i­fieke aan­dacht moeten geven omwille van de veran­derende sit­u­atie van lev­en­som­standighe­den”, besluit ze. 

Beweg­ing tegen Geweld – vzw Zijn werkt niet alleen rond sek­sisme en sek­sueel geweld, maar ook rond part­nergeweld. Sleurs is duidelijk trots op de web­site die ze gelanceerd heeft. Met een paar klikken vind je daar je weg naar de gewen­ste infor­matie. Naast dit ini­ti­atief heeft Sleurs ook een app op poten gezet waarmee slachtof­fers van stalk­ing met een druk op de knop de poli­tie kun­nen ver­wit­ti­gen.   

“Wij willen 24/24 bereik­baar zijn voor élk slachtof­fer van sek­sueel geweld”

Interdisciplinaire terugkoppeling

Maar wat is ANSER nu eigen­lijk? “Het is de bedoel­ing inter­dis­ci­plinair te werken en zo poli­tionele, para­medis­che en psy­chol­o­gis­che hulpver­len­ers samen te lat­en werken en slachtof­fers beter te helpen. Van­daar dat wij exper­tise vra­gen aan de Uni­ver­siteit Gent.” Het eerste ANSER-cen­trum zal komende lente in Gent ope­nen. Aangiftes moeten zo gemakke­lijk­er ver­lopen, zodat slachtof­fers sneller hulp kri­j­gen. De gezond­hei­ds­di­enst van de instelling moet ook betrokken wor­den, maar dat stelt juridisch nog prob­le­men rond pri­va­cy. “De mag­is­trat­en moeten dat nog bek­ijken, want dat is natu­urlijk een heel com­plexe prob­lematiek. Hoe bepaal je immers wie welke info mag doorgeven?” Sleurs over­weegt om eventueel ook de stu­den­tenpsy­cholo­gen aan de uni­ver­siteit in te schake­len. “Verder zal de poli­tie ook tools aange­bo­den kri­j­gen over hoe ze sek­sueel mis­bruik moeten plaat­sen.” Sleurs legt uit: “Daar­voor wordt met een draai­boek zeden­mis­dri­jven gew­erkt. Bij aangiftes is er ook een risi­co­tax­atie voor de slachtof­fers. Sek­sueel mis­bruik gaat immers vaak samen met part­nergeweld en dan is er veel risi­co op her­hal­ing door de dad­er. In zo’n geval moeten wij voor­bereid zijn. Wij willen 24/24 bereik­baar zijn voor élk slachtof­fer van sek­sueel geweld.”

Victim blaming

Sleurs wil ook nog enkele mythes over sek­sueel geweld ontkracht zien. Zo klopt het bijvoor­beeld niet dat een verkrachter per se iemand is die je vanu­it de bosjes bespringt. “De meeste verkrachtin­gen gebeuren door mensen die je kent”, weet ze. “Zo ontstaat vaak de reflex naar vic­tim blam­ing: denk maar aan het over­li­j­den van Steve Ste­vaert vorig jaar. Vier ‘nota­bele’ jour­nal­is­ten hebben daar het hele ver­haal omge­keerd en met de vinger gewezen naar het slachtof­fer. We moeten daar als maatschap­pij echt fel tegen optre­den. Sek­sueel geweld begint met het niet-erken­nen van de gelijkheid tussen man­nen en vrouwen.”

“De meeste verkrachtin­gen gebeuren door mensen die je kent” 

Ombudsdienst als verdienste?

Om nog even terug te keren naar acad­emis­che krin­gen, stellen we ons serieuze vra­gen bij de exper­tise inza­ke sek­sueel geweld van een ombuds­man aan de fac­ul­teit. Ook Sleurs is scep­tisch. Een ombuds­di­enst moet er vol­gens Sleurs zijn, maar biedt vol­gens haar geen zorg. “De ombuds­di­enst is alleen een luis­terend oor, als klacht­en­bank. Zon­der daar pejo­ratief over te doen. Stu­den­ten zijn miss­chien ook sneller beschaamd om een ombuds­man aan te spreken, omdat het ook kan dat die zelf aan de stu­dent les­geeft. Voor som­mige slachtof­fers moet er een grot­er zorgkad­er zijn. Een aan­rand­ing schendt immers je per­soon­lijke integriteit. Miss­chien dat die drem­pel naar een ombuds­man in de fac­ul­teit zelf dan inder­daad te groot is.” Of er geen nood is aan een onafhanke­lijk­er orgaan buiten de uni­ver­siteit? Sleurs twi­jfelt. “Op Vlaams niveau is er al een ombuds­di­enst die bred­er werkt, dus ook voor mensen­recht­en, maar de prob­lematiek van sek­sueel geweld is veel te com­plex. Het cen­trum zal dat gebrek moeten opvan­gen. We gaan aan acute zorgver­len­ing doen, en als het nodig is, doors­turen.”

 

ANSER staat voluit voor ‘Aca­d­e­m­ic Net­work for Sex­u­al and Repro­duc­tive Health and Rights Pol­i­cy’ (voor de oplet­tende lez­er, de afko­rt­ing klopt dus niet volledig).

Het doel van dit netwerk is onder­zoek en maatschap­pelijke dien­stver­len­ing. Het netwerk wordt inter­na­tion­aal gedra­gen over 17 instellin­gen over­al ter wereld en zal ook het beleid van de over­he­den proberen aan te scher­pen. Coör­di­na­tor van het project is prof. dr. Olivi­er Degomme. Hij is al directeur van ICRH (een iets bek­endere afko­rt­ing voor Inter­na­tion­al Cen­tre for Repro­duc­tive Health). Daar­naast is hij onder meer werkza­am in Mozam­bique en Kenia. 

Ook de stu­den­ten­stem wordt niet ver­geten. Lau­ra De Rycke is voorzit­ter van de Sum­mer School ‘Repro­duc­tive Health & Rights’, dat ook deel uit­maakt van BeM­SA (Bel­gian Med­ical Stu­dent’ Asso­ci­a­tion). Zij vervult in ANSER een con­creet engage­ment en daar heeft ze haar goede rede­nen voor. “Aangezien het mensen­recht­en- en belei­d­saspect van SRHR (Sex­u­al and Repro­duc­tive Health and Rights) te weinig aan bod komt in onze geneeskundi­ge oplei­d­ing, von­den wij het belan­grijk om samen met stu­den­ten van de vier andere fac­ul­teit­en bin­nen ANSER samen te zit­ten. De vele ver­schil­lende inval­shoeken zor­gen voor een diverse input. Op die manier kun­nen we een uitda­gend en gevarieerd pro­gram­ma samen­stellen. Via onze Sum­mer School willen we stu­den­ten de kans geven om kri­tisch na te denken over de toekomst omtrent SRHR. We kaarten onder­w­er­pen aan zoals toe­gang tot abor­tus, Female Gen­i­tale Muti­la­tion (FGM), gen­deri­den­titeit en –gelijkheid en sek­su­aliteit bij ado­les­cen­ten.”

Je wordt wakker en er schi­eten pijn­scheuten door je heen. Je arm lijkt in omvang ver­dubbeld te zijn. Werpt dat pow­er­liften ein­delijk zijn vrucht­en af? Bij nadere inspec­tie lijkt dit toch niet het geval te zijn. Het ziet er immers blauw, gez­wollen en voor­namelijk gekneusd uit. Net zoals enkele van je ribben. Wat is er gebeurd? Je probeert de voor­bi­je nacht te recon­strueren. De smaak in je mond lijkt een men­geling van bloed en bessen­jen­ev­er te zijn. Juist, je bent met Max en Simon naar die jen­ev­er­avond in de Porter gegaan. Je weet nog hoe je die knappe blonde gri­et aan de Plateau achter­na riep. Het woord “TETTEEEEN” bleef weer­gal­men ter­wi­jl je van de berg naar bene­den tjees­de, je haar in de wind. En toen was het stil. Op het gekraak van je spak­en na. Of was dat je spaak­been? Je herin­nert je de kracht waarmee je kaak op het tram­spoor smak­te. Waar kan je terecht? In één van de vele zieken­huizen met spoedafdel­ing die Gent kent. Een greep uit het aan­bod is het AZ Maria Mid­de­lares, AZ Jan Pal­fi­jn en ons eigen­ste UZ Gent.

Met een grote zucht spoel je weer het toi­let door, de derde keer al dit uur. Je friemelt met de wc-bors­tel de laat­ste brokjes overgeef­sel weg en voelt alweer een nieuwe lad­ing opkomen. Was die spaghet­ti, die nu toch al een halve week in je koelka­st stond, toch niet meer goed? Je reuko­r­gaan had nochtans geen enkele indi­catie waargenomen. Of had Katrien niet gezegd dat de buik­griep rond­dwaalde? De oorza­ak van al deze ellende lijkt je niet duidelijk, net zoals je niet weet waar je hier­mee terecht kan. Gelukkig staan de stu­den­te­nart­sen voor je klaar. Deze zijn te vin­den in de Sint-Pieter­snieuw­straat nr. 25. Van 17u – 19u zijn er trouwens elke dag vri­je con­sul­taties, voor andere momenten maak je best een afspraak via het stu­den­ten­por­taal.

Ken je het gevoel? De blok komt eraan en de zenuwen slaan toe. En telkens wan­neer je je probeert te con­cen­tr­eren, lijkt het alsof er een klein man­net­je rond crosst in je hoofd en het maakt je volledig ture­lu­ut. Weer een blokdag ver­loren, net alsof je er op over­schot hebt … Of dat andere gevoel? Wan­neer het een prachtige win­ter­dag is en de zonnes­tralen moeit­eloos door de wolken heen breken, maar die in jouw hoofd onver­mur­w­baar lijken. Donkerder dan ooit. Wie deze gevoe­lens zek­er erken­nen en je tips kun­nen geven, zijn de stu­den­tenpsy­cholo­gen. Dit zijn stuk voor stuk vrien­delijke mensen die een praat­je met jou willen slaan. Je kan je er ook inschri­jvin­gen voor ver­schil­lende train­in­gen rond faalangst, onzek­er­heid, mind­ful­ness, en zoveel meer. Een dikke mee­valler trouwens: ’t is gratis voor stu­den­ten. Een afspraak kan gemaakt wor­den aan de balie in ‘t Ufo, Sint-Pieter­snieuw­straat 33.

Hé lekker dier, komt es alli­er, da’k er hem in zwier.” Iets te veel gezwierd miss­chien? Onveilig vri­jen, onder­tussen zouden we het al moeten weten, is een no go! Maar is het je in een hete of dronken bui ont­gaan en voel je het wat lat­er jeuken aan je jonge­heer of jongedame? Je lat­en testen op een soa is dan alti­jd een goed idee. Voor jezelf en voor de komende bed­part­ners uit­er­aard! ‘t is geen taboe, ’t is immers wat het is en je moet ervan af. Voor dit prob­leem­p­je kan je gerust langs bij de hier­voor bespro­ken stu­den­te­nart­sen. Indi­en je een ‘quicky’ pref­er­eert, kan je ook steeds bellen naar de veilig vri­jen­li­jn via 078 15 15 15. Voor meer info kan je terecht op www.sensoa.be.