Educatieve master gebuisd over de hele lijn


Een bescheiden rondvraag bij studenten van de educatieve masteropleiding levert een waslijst aan problemen, frustraties en aanbevelingen op. Acht studenten getuigen anoniem over hun opleiding.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 7/11/2021 – 18:07 door Sander Muy­laert

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Om een oploss­ing te bieden voor het nijpend ler­ar­enteko­rt is de edu­catieve mas­tero­plei­d­ing, kortweg ‘edu­ma’, in het lev­en geroepen. Deze oplei­d­ing berei­dt stu­den­ten in een of twee jaar voor om voor de klas te staan. Edu­ma, aangekondigd met toeters en bellen, heeft een aan­tal pijn­pun­ten. Stu­den­ten zit­ten op hun tand­vlees of hak­en halfweg de oplei­d­ing af. Dit artikel, waarin acht stu­den­ten anon­iem over hun oplei­d­ing getu­igen, biedt een inkijk in de ver­halen en verzuchtin­gen van de edu­mas­tu­dent.

Het werk is nooit klaar

Een eerste stru­ikel­blok is de toren­hoge studielast. Het to-dolijst­je is behoor­lijk lang: ver­sla­gen schri­jven, lesvoor­berei­din­gen en groep­swerken mak­en, EHBO- en STEM-sessies bij­wo­nen, hoor­col­leges bek­ijken, tal­rijke tak­en mak­en en exa­m­ens afleggen. “Er zijn zo veel dead­lines dat ik bang ben er een­t­je te mis­sen, het werk is nooit klaar”, zucht een edu­mas­tu­dente economie.

Naast de studielast, is de admin­is­tratie een blok aan het been. Bij de een­jarige economis­che edu­ma moet de stage aan een hele resem regelt­jes vol­doen. Je moet stage lopen in een school gele­gen in een stad en in een school gele­gen buiten de stad, in een katholieke school en in een GO! school, en in ASO‑, TSO- en BSO richtin­gen. Je stage van het eerste semes­ter mag pas begin­nen vanaf 15 novem­ber en is begrensd tot 10 uur. Per week mag je slechts 5 actieve lessen geven met max­i­mum 4 par­al­lel­lessen. Kan er iemand nog vol­gen?

“De oplei­d­ing loopt ver­loren in details, de essen­tie van les­geven verd­wi­jnt op de achter­grond”

Daar­bovenop zijn er ook negen mesoac­tiviteit­en zoals een sportdag, klassen­raad, oud­er­con­tact, enzovoort. En ja hoor, dit moet je alle­maal zelf plan­nen via twee ver­oud­erde, chao­tis­che en slome plat­for­men. “De oplei­d­ing loopt ver­loren in details, de essen­tie van les­geven verd­wi­jnt zo op de achter­grond”, besluit een stu­dent cul­tu­ur­weten­schap­pen. “Er zijn zelfs dia’s over wat je wan­neer waar op bord moet schri­jven”, zucht een edu­mas­tu­dent economie met opgetrokken wenkbrauwen.

“Ik vraag me af waarom ik twee vakken heb waarin ik elke week exact het­zelfde leer”

De com­bi­natie the­o­rie en stage loopt niet alti­jd even soe­pel. “De les­gev­ers beloven dat de hoor­col­leges zullen stop­pen op de tiende lesweek, nadi­en is het tijd voor onze stages. Nu blijken onze hoor­col­leges toch door te lopen tot de der­tiende lesweek”, hekelt een tal­en­stu­dent. “In de een­jarige edu­ma van cul­tu­ur­weten­schap­pen kri­jg je tegelijk­er­ti­jd je oriën­tati­estage en je actieve stages. Dit is vreemd aangezien je oriën­tati­estage een voor­berei­d­ing is op je actieve stage. Bij een oriën­tati­estage leer je voor het eerst hoe je voor de klas moet staan. Wan­neer je je oriën­tati­estage hebt afgerond, kan je effec­tief les­geven en aan je actieve stage begin­nen. Bij de een­jarige edu­ma wordt deze struc­tu­ur door elka­ar gegooid”, vertelt een edu­mas­tu­dent cul­tu­ur­weten­schap­pen. 

Stroom van frustraties 

“Ik vraag me af waarom ik twee vakken vak­di­dac­tiek heb waarin ik elke week exact het­zelfde leer. Alsof lesmeth­od­es plots anders zijn omdat je in een andere taal spreekt”, getu­igt een taal­stu­dent. “Met de frus­tratie van edu­mas­tu­den­ten kan je met gemak de kern­cen­trales sluiten”, grapt die. Een taal­stu­dente die een edu­ma vol­gt gespreid over twee jaar gaat verder: “Ik vind dat de infor­matie voor je aan de oplei­d­ing begint cor­recter en real­is­tis­ch­er moet zijn. Er wordt te veel werk gem­i­ni­maliseerd. Bouw ook de vakover­schri­j­dende sem­i­nar­ies af. Wan­neer je nu, bijvoor­beeld, geen 14 op 20 haalt voor het zelf­s­tudievak ‘EHBO’, kri­jg je in één klap vijf pun­ten min­der op je stage. Dat is niet redelijk.”

Zo gaat ie goed, zo gaat ie beter 

Verder is er een gebrek aan heldere com­mu­ni­catie bin­nen edu­ma, vertellen stu­den­ten. Infor­matie over de oplei­d­ing is vaak gespreid, je ver­li­est soms een halve dag met uit­zoeken hoe iets pre­cies in elka­ar zit. “Ik weet van toeten nog blazen, ik moet het alle­maal zelf uit­pluizen”, klaagt een economi­es­tu­dent. “In een ide­ale wereld is er per clus­ter iemand om vra­gen te beant­wo­or­den. Een alter­natief is een algemene ‘FAQ’ per edu­maclus­ter op Ufo­ra. Hierin kan alle essen­tiële infor­matie over de oplei­d­ing wor­den opgeli­jst. Deze maa­trege­len zouden al veel van de edu­mafrus­traties de wereld uit helpen”, besluit de stu­dente economie.

“De studielast is niet te zwaar als je je school­w­erk doorheen het jaar goed opvol­gt” – Ruben Van­der­linde

Voorzit­ter van de oplei­d­ingscom­missie edu­catieve mas­ters Ruben Van­der­linde benadrukt vooral de com­plex­iteit van de jonge oplei­d­ing die gericht is op een heel divers pub­liek aan stu­den­ten en waar­bij alle fac­ul­teit­en betrokken zijn. Hij erkent dat er een aan­tal prob­le­men zijn bin­nen de oplei­d­ing. “We zijn volop in de weer om deze prob­le­men op te lossen. Er is een werk­groep admin­is­tratieve vereen­voudig­ing opges­tart, we proberen de com­mu­ni­catie te ver­beteren en het stage­port­fo­lio wordt her­vor­md. Som­mige zak­en met betrekking tot de stage zijn vast­gelegd via eindter­men die ons wor­den opgelegd door de Vlaamse over­heid; veel kun­nen we hier niet aan veran­deren. Ik wil er wel op wijzen dat in tegen­stelling tot de acht anon­ieme getu­igen, de algemene eval­u­atie over de oplei­d­ing, de vakken en de les­gev­ers bij stu­den­ten vrij posi­tief is. Een oplei­d­ing van zes­tig studiepun­ten betekent boven­di­en full­time stud­eren. De studielast is niet te zwaar als je je school­w­erk doorheen het jaar goed opvol­gt. Zow­el scholen als alum­ni zijn tevre­den over de kwaliteit van onze oplei­din­gen. Voorts bli­jven we luis­teren naar feed­back, want het werk is natu­urlijk nooit klaar.”