De uitgeputte activist


Een opinie over waarom ik nooit #blacklivesmatter tweette.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 29/03/2021 – 8:37 door Flo Tom­lin­son

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Het is 25 mei 2020, 20u01, wan­neer George Floyd 8 minuten en 46 sec­on­den op de grond wordt gehouden door de knie van poli­tieagent Derek Chau­vin. Onder­tussen lig ik 6699 kilo­me­ter daar van­daan wakker. Ik kan de slaap niet vat­ten. Wan­neer ik na vier korte uurt­jes nachtrust de vol­gende dag ops­ta is de wereld veran­derd. Mijn Insta­gram­pag­i­na staat vol met zwarte vak­jes, elke Twit­ter­ac­tivist heeft reeds #black­lives­mat­ter getweet en het nieuws is gevuld met ongeloof en woede. 

Ook ik voel woede, ongeloof, schaamte en ver­dri­et. Maar ik kan mezelf er niet toe bren­gen de beelden te bek­ijken, de artikels te lezen of zelfs om de hash­tag te gebruiken. Sinds het begin van het jaar kamp ik met depressieve gevoe­lens die enkel uitver­g­root zijn sinds de recente beëindig­ing van mijn relatie en de aan­houdende duur van de lock­down. Mijn vrien­den, waarmee ik vroeger luid­keels tegen de opkomst van extreem­rechts ging roepen op straat, mak­en ellen­lange Insta­gramver­halen over het aan­houdende poli­tiegeweld in zow­el bin­nen- als buiten­land. Maar ik niet. Ik sluit met een hangend hoofd mijn sociale­me­dia-apps en ga om zes uur ’s avonds terug naar bed.

Hoe hard ik ook wou dat ik de pijn van miljoe­nen kon weg­ne­men met een tweet of een instas­to­ry, heb ik sim­pel­weg de men­tale energie niet om mij te men­gen in het debat. Na de moed bijeen te schrapen lees ik enkele dagen lat­er een post van een van mijn vrien­den. SILENCE IS COMPLIANCE staat er in vette zwarte let­ters op een roze achter­grond. Ik kri­jg een krop in mijn keel en denk bij mezelf: “Is dat wat ik doe? Sta ik door mijn priv­i­leges niet te gebruiken, aan de kant van de daders?”

Mijn stilte wordt voor mij inge­vuld. Mijn stilte moet beteke­nen dat het lij­den van min­der­hei­ds­groepen mij koud laat, dat ik niet erken dat ik geluk heb met het lev­en dat ik heb, met de vei­lighe­den waar ik dagelijks mee leef.

Ik kri­jg een kri­tisch bericht van een vriend die niet snapt waarom ik mijn stem en plat­form nog niet gebruikt heb om mijn onge­noe­gen te uiten. “Ik snap niet wat er zo moeil­ijk is aan gewoon eens ‘Black Lives Mat­ter’ te typen of een sto­ry te delen?” Toen snapte ik het ook niet, ik kon mezelf er sim­pel­weg niet toe bren­gen. Het zette me aan het denken, waarom maak­te de gedachte van me te men­gen in dit his­torische debat me zo angstig en zo moe?

Ter­wi­jl velen energie lijken te put­ten uit het gevoel iets te kun­nen beteke­nen voor de maatschap­pij, lijkt mijn veront­waardig­ing mij enkel af te mat­ten. Het gevoel van machteloosheid en frus­tratie over de oneer­lijkheid die voor onze ogen plaatsvin­dt, doet velen de moed ver­liezen. Ik probeer mezelf dan te sussen door te zeggen dat één post, één bericht, één hash­tag, het ver­schil niet zullen mak­en. Maar het wringt, ik weet dat als iedereen zo zou redeneren, er niets zou gebeuren en dat onrecht de vri­je loop zou kun­nen gaan. Ik geni­et van het zien van stakin­gen, betogin­gen en marsen en kijk op naar mijn gen­er­atie die stri­jdt voor een betere wereld. Het geloof dat men van onderuit wel degelijk het grote ver­schil kan mak­en, is groot bij mij.

Toch besef ik steeds meer dat ik keuzes moet mak­en en als ik voor die besliss­ing sta moet ik voor mijn men­tale gezond­heid kiezen. Ik wil kun­nen kiezen voor onwe­tend­heid, naïviteit en rust in mijn hoofd zon­der daar­voor bekri­tiseerd te wor­den. Ik wil kun­nen doen aan mijn eigen vor­men van activisme, zoals alti­jd bereid zijn om voor de eigen­heid van mijn vrien­den op te komen. Zoals naast een andere vrouw in de trein zit­ten om haar te bescher­men tegen de blik van een man die weinig goede bedoelin­gen heeft. Ik wil het gevoel kun­nen hebben dat ik genoeg doe, of dat ik alleszins doe waar­toe ik in staat ben. Dat ik niet de keuze moet mak­en tussen mij opja­gen over de zoveel­ste bekrompen tweet en met een gerust hart kun­nen slapen. Ik weet dat ik hier niet alleen in ben.

Waar­voor ik pleit is een beet­je mild­heid, voor het door de vingers zien van momenten van egoïsme wan­neer activisme en her­s­tel niet samen­gaan. Voor het vertrouwen dat iemand wel degelijk goede bedoelin­gen heeft, ook al pakken ze het in de prak­tijk miss­chien fout aan of roepen ze min­der luid dan nodig zou zijn. In een wereld waar alles al zo verdeeld is, is het con­trapro­duc­tief als mensen van goede wil zich tegen elka­ar keren. Wie wint er als mensen zichzelf uit­put­ten met het bekri­tis­eren van elka­ars activisme? De energie die we soms investeren in het berispen van elka­ar zou beter besteed kun­nen wor­den aan het bestri­j­den van intol­er­antie.