De nachtmerrie van een single


De periode rond Valentijn is een periode van liefde, romantiek en nog eens liefde. Voor stelletjes is het leven rozengeur en maneschijn, voor singles kan het minste al een donderslag bij heldere hemel zijn. Mijn donderslag is de supermarkt.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 10/03/2025 – 8:35 door Lies Par­don

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Het begint al met de wan­del­ing naar de winkel. Als sin­gle is het iedere keer opnieuw een opgave. Na een uur peinzen over hoe ik met de ver­geten tomaat en het plak­je kaas in mijn koelka­st een week kan over­leven, beslis ik toch te vertrekken.

door Lies Par­don

Vanaf het moment dat ik een voet buiten de deur zet, start een tocht op lev­en en dood. Het is te vergelijken met het Wilde West­en. Mijn aartsvi­jan­den … de hit­sige kop­pels, de muilende hip­sters en de ik-laat-je-hand-nooit-meer-los-otters. Na fiet­sers, auto’s en de tram moet ik nu ook win­nen in een duel tegen kop­pels die onmo­gelijk de ket­ting der liefde kun­nen breken. In mijn oren hoor ik west­ern­muziek als ze dichter­bij komen, zon­der elka­ars hand los te lat­en. Mijn doel is de con­frontatie over­leven, hoe naïef dit ook klinkt. Nadat ik van het voet­pad ben gevallen om een frontale bots­ing met de ik-plak-aan-mijn-part­ner-losers te ver­mi­j­den, krabbel ik weer recht. Op dit moment verd­wi­jnt mijn lev­ensvreugde als sneeuw voor de zon. Ik ben hap­py en sin­gle, maar als ik in mijn ooghoek hoop­jes ver­liefde ellende zie hup­pe­len, wan­del ik snel en driftig verder. Ik slalom door een mij­nen­veld van ver­liefde kop­pels tot ik de Albert Hei­jn bereik. 

Ik ben hap­py en sin­gle, maar als ik in mijn ooghoek hoop­jes ver­liefde ellende zie hup­pe­len, wan­del ik snel en driftig verder

Hier start een staar­wed­stri­jd tussen het pas­ta-assor­ti­ment en mij, waar ik na een flash­back naar ‘Lady en de Vage­bond’ besef dat ik liev­er ravi­o­li eet. Al slen­terend door de winkel, valt de laat­ste drup­pel die de emmer doet over­lopen. Pas­ta voor twee, 2 + 1 gratis voor komkom­mers, fam­i­liebrood in de bonus: alles is ver­pakt voor kop­pels of onmo­gelijk om alleen op te eten in een week. De koerende tortel­duif­jes hebben niet alleen het monop­o­lie op voet­paden, maar ook op bonus­ac­ties in de super­markt. Dan kom ik tot de con­clusie dat ik zelf ook invloed heb op hoe snel de doemdagk­lok tikt. Ik adem drie keer diep in en uit en kies ervoor om geen Derde Werel­door­log te starten. Soep gooien op de kas­sa zou ook best drama­tisch zijn. Niet alleen de Mona Lisa heeft het priv­i­lege op een soep­douche omdat ze zo mooi lacht, toch? Mijn laat­ste hoop is een lief vin­den in de super­markt, maar na dit alles heb ik een degout ontwikkeld voor romantiek. Aldus loop ik sin­gle de winkel uit, en dat met pas­ta voor twee, drie komkom­mers en een fam­i­liebrood in mijn bood­schap­pen­tas.