De bezetting en haar nasleep


Net zoals de g***cide in Gaza, woedt het debat over de rol van onze universiteit erin voort. Koersveranderingen en een harde hand, dit was de aanpak van de universiteit sinds het begin van de bezetting.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 14/10/2024 – 7:57 door Joppe FransEm­i­lie De Win­neTailah Baert­Yara Mous­saLune Schol­laert­Lotte Bauw­er­aert­sJef Tim­mer­man­s­Jasper Mou­ton

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Hoe het onmogelijke mogelijk werd

In maart verk­laarde Rik Van de Walle dat hij te allen tijde, “wat het advies van de com­missie ook weze”, hun advies zou opvol­gen over de acad­emis­che ban­den met Israël. Toen diezelfde com­missie begin mei het advies uit­sprak om met geen enkele Israëlis­che instantie nieuwe ban­den aan te gaan, bleek het vertrouwen in de com­missie toch niet vast. 

“Na een lang en con­struc­tief debat”, aldus de rec­tor, werd er na een tussenkomst door Van de Walle in de Raad van Bestu­ur besloten om het advies van de mensen­rech­t­en­com­missie links te lat­en liggen. Dit hield het beleid in stand waar­bij part­ner per part­ner werd nage­gaan of er een kans op mensen­recht­en­schendin­gen is. “Een part­ner is niet ver­ant­wo­ordelijk voor het louter uitvo­eren van een prob­lema­tis­che wet”, zo klonk het.

“Het was makke­lijk­er om met de pre­mier te spreken dan met de rec­tor zelf” – Siska, woord­vo­erder bezetting

Israëlis­che uni­ver­siteit­en zijn sterk ver­bon­den aan het zion­is­tisch project. De ban­den met het leg­er en wapen­fab­rikan­ten zijn insti­tu­tion­eel, en de Israëlis­che acad­e­mie speelde een enorme rol in het aantrekken van set­tlers naar strate­gis­che locaties zoals de Naqab/Negev en Oost-Jeruza­lem. Tij­dens een gesprek met de bezetters benadruk­te de rec­tor ook dat het goed is dat het advies van de mensen­rech­t­en­com­missie niet bindend is en dat de Raad van Bestu­ur daarover moet kun­nen dis­cus­siëren.

Tij­dens de eerste nacht van de bezetting stu­urde de rec­tor om 23u49 een mail om dat beleid te verdedi­gen. In diezelfde mail beschreef de rec­tor de sit­u­atie als een “reac­tie op de ter­reur van Hamas”. Die reac­tie is vol­gens de rec­tor “dis­pro­por­tion­eel en gaat gepaard met grootschalige mensen­recht­en­schendin­gen”. Dit con­flict wordt echter meestal bekeken vanu­it een grotere his­torische con­text, zeggen experts. Niet 7 okto­ber 2024, maar wel de Nak­ba in 1948 of de Bal­fourverk­lar­ing in 1917 wor­den hier­bij vaak aange­duid als de start van het con­flict. 

Bepaalde activis­ten riskeren een dwang­som van €250

Toen de bezetting een maand aan de gang was, beloofde de rec­tor in zijn tweede gesprek met de bezetters dat de mensen­rech­t­en­com­missie alle ban­den opnieuw ging eval­ueren. Dit gesprek kwam er na de grootschalige actie in het rec­toraat. In het advies dat de mensen­rech­t­en­com­missie in de nacht van 30 op 31 mei uit­sprak, pleitte ze om alle insti­tu­tionele samen­werkin­gen met Israëlis­che uni­ver­siteit­en stop te zetten, gezien de con­text van onweer­leg­bare oor­logsmis­daden en grootschalige mensen­recht­en­schendin­gen. De eisen inwilli­gen was aan­vanke­lijk onmo­gelijk, maar na de finale besliss­ing van de mensen­rech­t­en­com­missie was de UGent opeens een voortrekker.

Het blijft vaag

Tim Grauls, ACOD-verte­gen­wo­ordi­ger in de Raad van Bestu­ur, vertelde dat hij pogin­gen tot repressie heeft ervaren omwille van zijn ste­un voor de bezetting. Er wer­den klacht­en tegen hem inge­di­end zon­der dat hij de mogelijkheid kreeg om te rea­geren. Grauls laat ons weten dat hem een ruil werd voorgesteld: men zou de klacht­en lat­en vallen als hij zijn kri­tiek tegen de rec­tor en ste­un voor de bezetting introk. Er werd hem ook aanger­aden om gewoon­weg uit de Raad te stap­pen. Hoewel Grauls hier niet van terugde­inst, is hij bang voor het effect op anderen. “Men zoekt mensen indi­vidueel. En mensen kri­j­gen op dat vlak schrik om hun nek nog uit te steken”, aldus Grauls.

Ook de bezetters heke­len het gebrek aan transparantie. Zo verk­laart Siska, een van de woord­vo­erders van de bezetting, lid van End Fos­sil: “Het was makke­lijk­er om met de pre­mier te spreken dan de rec­tor zelf.” Dit sen­ti­ment wordt gedeeld door Gent Stu­dents for Pales­tine: “Met iedere nieuwe ontwik­kel­ing bin­nen de bezetting, com­mu­niceerde de rec­tor met de pers in plaats van met ons.”

De ‘open dialoog’-houding van de rec­tor is er vol­gens Siska enkel gekomen wegens de druk die op hem werd gelegd vanu­it de beweg­ing en de media. Tegelijk vero­ordeelt ze de indruk dat de besliss­ing om de Israëlis­che ban­den te ver­breken een per­soon­lijk besliss­ing zou zijn, ter­wi­jl de druk van de beweg­ing, het uitein­delijke oordeel van de mensen­rech­t­en­com­missie en de Stad Gent erbuiten wor­den gelat­en.

En toen was het genoeg

Voor het inci­dent aan het rec­toraat was de rec­tor één keer uit­drukke­lijk defen­sief, toen hij zei dat “bew­erin­gen die inhouden dat de UGent mee betrokken is bij mensen­recht­en­schendin­gen” onge­grond zijn. Op 17 mei, na de actie aan het rec­toraat, sloeg de toon om. “Ern­stig van­dal­isme en mater­iële schade” waren toege­di­end. De rec­tor sprak ste­un uit voor mensen die fysiek of men­taal had­den gele­den en sloot zijn mail af met een bezorgde groet. 

In een gesprek met stu­den­ten werd duidelijk dat de rec­tor vond dat de secu­ri­ty gerecht­vaardigd was in de keuze om de poli­tie te con­tac­teren voor het hard­handig ver­wi­jderen van de stu­den­ten uit het rec­toraat. Daar­naast legde hij de nadruk op het belang van regels bij het pro­test­eren in een lib­erale democ­ra­tie.

Het was duidelijk dat de pro­test­erende stu­den­ten hier heel anders naar keken. “Zolang er een kolo­niale bezetting en een geno­cide aan de gang zijn, is protest mogelijk, gerecht­vaardigd en noodza­ke­lijk”, aldus Gent Stu­dents for Pales­tine. Aan­vanke­lijk beaamde de rec­tor de helft van de tijd zijn bezorgdheid over Gaza. Na het inci­dent aan het rec­toraat werd de g***cide nog maar twee keer ver­meld. Eén keer als mensen­recht­en­schendin­gen, één keer als “wat er in Gaza gebeurt”.

Op 4 juni was het geduld volledig op. Bemid­de­len werd na de opstap van Ben­had­dou “niet langer zin­vol en zelfs onmo­gelijk” verk­laard. In dezelfde mail werd aangekondigd dat exa­m­ens niet meer in het UFO kon­den door­gaan, door van­dal­isme, geweld en over­last. “De toe­ganke­lijkheid van het UFO werd nochtans alti­jd in acht genomen toen mensen acties plan­den”, klinkt het daarover bij de bezetters. 

Jeroen Des­im­pel

Mannen met baarden

Begin juni werd door de uni­ver­siteit een een­z­i­jdig ver­zoekschrift inge­di­end bij de recht­bank. Die besliste dat het UFO niet ontru­imd moest wor­den. De rechter in graad van beroep oordeelde anders. Het arrest van het hof van beroep waarschuwde onder andere voor sek­sueel grensover­schri­j­dend gedrag en dief­stal. Ook werd er gewag gemaakt van “man­nen met baar­den die de stu­den­ten instruc­ties gaven”. Veel bezetters protes­teer­den anon­iem. De activis­ten die bij naam gek­end zijn, riskeren een dwang­som van 250 euro als ze in de toekomst opnieuw gebouwen van de UGent bezetten.

Siska benadrukt dat het geval van sek­sueel over­schri­j­dend gedrag is veroorza­akt door een indi­vidu dat niet bij de bezetting betrokken was, maar is bin­nenge­dron­gen: “Van zodra de organ­isaties achter de bezetting op de hoogte waren, is hier tijdig en cor­rect op inge­gaan in samen­werk­ing met de secu­ri­ty.”

Er werd gewag gemaakt van “man­nen met baar­den de stu­den­ten instruc­ties gaven”

Sinds het artikel van Veto gepub­liceerd werd, is er nog geen con­tact geweest tussen de demon­stran­ten en de UGent. “Maar ze zijn nog niet van ons af”, aldus Siska. Over verdere acties kon zij nog niets vertellen.