Column: ik ben niet onbetaalbaar


Aari­cia Beste lez­er, Ik ga niet op stage. Nee. Ik doe het niet. Ik weiger. Ik weiger om elke euro om te moeten draaien. Om niet te weten of ik het einde van de maand wel haal. Om uit­ge­molken en arm terug thuis te komen. En toch roept de arbei­ds­markt me op ervar­ing op te doen.…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 17/05/2017 – 11:08 door Aari­cia Lam­brigts

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Aari­cia

Beste lez­er,

Ik ga niet op stage. Nee. Ik doe het niet. Ik weiger. Ik weiger om elke euro om te moeten draaien. Om niet te weten of ik het einde van de maand wel haal. Om uit­ge­molken en arm terug thuis te komen. En toch roept de arbei­ds­markt me op ervar­ing op te doen. No mat­ter the cost, expe­ri­ence is worth more.

In Bel­gië wordt 83 pro­cent van de sta­giairs niet betaald, lezen we op het Europees Jeugd Forum op 12 mei 2017. Dat gaat dan voor­namelijk over stages na het behalen van een diplo­ma, het moment waarop je al enige geloofwaardigheid in je vakge­bied hebt ver­wor­ven. De stages wor­den aange­bo­den om net zij die vers van de uni­ver­siteit komen per­spec­tief te bieden. Want meer ervar­ing betekent beter werk, toch? Niets is min­der waar. Je kunt een paar maand aan de slag om daar­na afgedankt aan de kant te wor­den geschoven, armer dan toen je eraan begon. Want wie heeft het geld om even enkele maan­den full­time aan de slag te gaan? Niet de gemid­delde stu­dent die zijn (of haar) pro­fes­sion­aliteit probeert uit te diepen. Maar als slechts 17 pro­cent van de stages ook echt betaald wordt, is het een moeil­ijke opgave om te over­leven in het ‘echte lev­en’ zon­der loon.

Mogen we dit wel zomaar aan­vaar­den? Ik zeg neen.

In Bel­gië kun je wet­telijk gezien een stagev­er­loning kri­j­gen. Voor 21-plussers is dat 751 euro. Te vaak weten jon­geren dat zelf niet en wor­den zij hierin niet geholpen. Enkel wan­neer de stage bin­nen je oplei­d­ing valt en niet langer dan 60 dagen duurt, kan je geen ver­goed­ing kri­j­gen.

Veel stu­den­ten die op zoek zijn naar inter­na­tionale ervar­ing tij­dens of na hun studie wor­den als goed­kope werkkracht­en gebruikt. Zo gaf een jonge Tsjechis­che, Zuzana Vaněčková, recent een speech in het Europees Par­lement waar­bij ze dat prob­leem aan­haalde. Ook zij had de onrecht­vaardigheid meege­maakt, waar­bij enkel rijkere jon­geren lan­gere stages kon­den doen. Dat ver­g­root de ongelijkheid alleen maar.

“We moeten samen op onze strepen dur­ven staan”

Een ken­nis van mij ging naar Genève met twee mas­ters op zak om er een half jaar stage te lopen. Daar leefde ze in een kleine kamer, onder grote (finan­ciële) druk waar­bij ze toch alles uit de kast haalde om uitein­delijke met een aanzettende depressie terug te komen, en niet per se met meer kans op werk.

Echt waar? Echt waar. Een onbe­taalde stage geeft geen grotere jobkansen. Dat toont een Amerikaanse studie aan. Slechts 37 pro­cent van de sta­giairs kreeg een jobaan­bod. Dat is 2 pro­cent meer dan bij mensen die geen stage deden. Per­so­n­en met een betaalde stage had­den 63 pro­cent kans op een job. De ervar­ing mag dan veel waard lijken, je moet er je eigen­waarde niet bij ver­liezen. Een andere vriend deed een Europese stage op eigen kracht. Soms meer dan acht uur werken per dag gaf hem niet veel mogelijkheid tot het hebben van een stu­den­ten­job. Maar wan­neer je werk doet dat eigen­lijk ook door een werkne­mer zou kun­nen gebeuren, hoor je ver­loond te wor­den naar dat werk. Je bent nooit “maar een stu­dent”. Een werkgev­er weet dat er risico’s aan vasthangen wan­neer ze een stu­dent of net afges­tudeerde aan­nemen. Dat is geen vri­jgelei­de om het werk dan maar gratis te lat­en doen. Voor wat hoort wat, ook wan­neer je stage doet. We moeten samen op onze strepen dur­ven staan.