Classic jazz, enkel beter met de jaren


Mijn bankrekening leek niet even enthousiast als de Music Mania om me weer terug te zien. Ach, het was echter tijd om met een plaat van Bill Evans in de hand omver geblazen te worden door de Main Stage.

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 14/07/2025 – 17:41 door Sarah Van Crom­bruggen

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

I used to eat that shit up when I was 21.

Begin de twintig zijn ze miss­chien niet meer, maar Steve Cole­man & Five Ele­ments zijn alles­be­halve oubol­lig en passé.  Alt­sax­o­fon­ist Steve Cole­man uit Chica­go en zijn com­pagnon Jonathan Fin­layson op de trompet zetten het con­cert in gang met een dialoog der blaz­ers. Zoals zou moeten bij old­school jazz speelde het pub­liek een Rus­sis­che roulette te gokken welke stilte een adem­pauze was of het einde van een num­mer. Er is niets zo enter­tainend als een onschuldig figu­ur uit de mas­sa die absolu­ut te vroeg begint te klap­pen. Net wan­neer men in alle com­fort achterover ging zit­ten in de plas­tic stoelt­jes kwa­men de elek­trische bassist Rich Brown en Sean Rick­man op de drums tot lev­en. Een ongezien drum­won­der vond plaats en in mijn ogen had het recht uit een scène van Damien Chazelles ‘Whiplash’ kun­nen komen. Tussen hun klaagzan­gen over jet­lag en humoris­tis­che opmerkin­gen die vol­gens hen het pub­liek ongetwi­jfeld niet kon­den boeien, lieten ze zien dat hun tal­ent van alle tij­den is. Alle­maal begaafd in hun eigen ele­ment maar in har­monie onver­bid­delijk ongezien. 

Dat kun­nen weinig mensen zo over­tu­igend flikken en tegelijk zo op hun gemak zijn.

Jumpscares en poltergeists tussen de pianotoetsen

Het leek of men moest ontsnap­pen uit een spookhuis toen de onheil­spel­lende klanken van Tigran Hamasyans vleugelpi­ano begonnen te spe­len. De slanke vingers van de Armeense pianist gle­den over de toet­sen alsof het niets was. Zijn gezicht stond strak van con­cen­tratie en hij leek zo over­tu­igd van zijn com­posi­ties, dat vol­gens mij een meteooraanslag zijn muziek niet had kun­nen stop­pen. Nate Wood kreeg als drum­mer ongezien een eigen hoek­je op het podi­um in plaats van achter­aan ver­sc­holen te moeten jam­men in gezelschap van alle kabels en infra­struc­tu­ur. Als lid van de entourage van Hamasyan leek hij te ontsnap­pen aan het nood­lot­tig deter­min­isme der drum­mers. Boven­di­en is er ken­nelijk een afspraak gemaakt tussen de arti­esten van Gent Jazz. Na Luna Maes’ fel­roze haar van gis­teren had drum­mer Wood van­daag een fluo roze pet op. Men kon er onmo­gelijk naast kijken tussen de gri­jze onder­to­nen en het donkere decor van de Armeense com­pon­ist. Zijn lage stem diende als lei­draad door de exper­i­mentele en ijz­ing­wekkende jazz, rock en met­al. Het hele podi­um kri­oelde van de instru­menten en muzikan­ten, maar toch bleven alle ogen vast­geli­jmd op Hamasyan. Wat een arti­est. 

It’s all about the sax!

Het Bran­ford Marsalis Quar­tet sloot de avond in alle schoonheid af en ze stu­ur­den het pub­liek met het hoofd in de wolken naar huis. Sax­o­fon­ist Bran­don Marsalis maak­te voor de tweede keer die dag een geweldige entree na eerder kort even meege­speeld te hebben met Steve Cole­man. Sax­o­foon maakt of breekt een jazz per­for­mance en deze blaz­er leek zich daar absolu­ut geen zor­gen over te mak­en. Zulke muziek doet je de tijd uit het oog ver­liezen. Dat kun­nen weinig mensen zo over­tu­igend flikken en tegelijk zo op hun gemak zijn. Deze vier vlotte jon­gens bal­anceren even­wichtig het heer­lijk con­trast tussen een zachte melodie en lev­endig ritme. Ten slotte wekken ze de indruk vlot te zijn zow­el op als af de planken. Mij mogen ze alvast trak­teren op een cock­tail ergens in een of andere alter­natieve jaz­zclub.