Bicky: een geslaagde campagne?


U zag het of u zag het niet, maar de felbegeerde Bicky Burger waar menig frituur in de Overpoort zijn brood mee verdient, heeft een nieuwe reclame die de laatste dagen voor heel wat oproer heeft gezorgd. De cartoon zou vrouwonvriendelijk zijn en publiekelijk agressie promoten. Mogen we de schouders ophalen, of voert deze cartoon een…

Oor­spronke­lijk gepub­liceerd op 20/10/2019 – 18:45 door Mar­jan Suffys

Dit artikel werdt oor­pronke­lijk gepub­liceerd op de oude Scham­per site. Toen deze uit gebruik werd genomen, wer­den alle artikels overgezet.

Boenk erop?

In de nieuw­ste reclame van Bicky Burg­er, die op dins­dag 8 okto­ber ver­scheen, is op een hand­getek­ende car­toon te zien hoe een man een vrouw een ferme vuist­slag verkoopt nadat deze hem een Bick­y­burg­er in een ‘ver­keerd’ doos­je wil over­handi­gen – “Fake Bicky, fwa?” In tij­den van een ver doorge­dreven #MeToo-kli­maat miss­chien niet de allerbeste zet. Ver­schil­lende min­is­ters, offi­ciële instanties en reclamemak­ers waren niet bepaald mild voor de burg­er­pro­du­cent en ook op sociale media regende het kri­tiek. Zo ver­af­schuw­den de nieuwe fed­erale min­is­ter van Gelijke Kansen Nathalie Muylle (CD&V) en Vlaams min­is­ter van Gelijke Kansen Bart Somers (Open VLD) de car­toon met woor­den als ‘schan­dalig’, ‘onver­ant­wo­ord’ en ‘wans­make­lijk’.

“Schan­dalig, onver­ant­wo­ord en wans­make­lijk” – De min­is­ters

Meer nog: het Insti­tu­ut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Man­nen (IGVM) wil de reclame aftoet­sen aan de zoge­heten Gen­der­wet, die het pro­moten of stim­uleren van geweld tegen vrouwen – op welke manier dan ook – straf­baar stelt. De pro­du­cent heeft zo al ruim 300 klacht­en moeten incasseren. De tegen­re­ac­tie blijkt unaniem: intrafa­mil­i­aal geweld kan onder geen bed­ing getol­ereerd of genor­maliseerd wor­den.

Vrijheid van humor?

Of is het maar een car­toon en ligt onze democ­ra­tisch geïn­spireerde artistieke vri­jheid onder vuur? Zolang er alleen maar op papi­er op een vrouw wordt ges­la­gen, is er uitein­delijk geen prob­leem, zou je kun­nen denken. Het is vergelijk­baar met de heisa rond videospel­let­jes; ook daar is er geen empirische eens­gezind­heid over de bew­er­ing dat het kijken naar geweld­dadi­ge videospel­let­jes zou aanzetten tot geweld. Char­lie Heb­do mag lachen met de Pro­feet van de islam, maar o wee als tekenin­gen wor­den ver­spreid waarin sporen terug te vin­den zijn van misog­y­nie.

Kri­j­gen zij die het luidst roepen gelijk?

Hoe zit dat daarmee? Kri­j­gen zij die het luidst roepen gelijk? Bicky zelf spreekt over een humoris­tis­che inten­tie, en humor is natu­urlijk hét domein bij uit­stek dat gren­zen aftast en taboes door­prikt. De vraag is alleen hoe ver we mogen gaan. Miss­chien moeten we gewoon een beet­je ver­draagza­am zijn zon­der meteen op elka­ars kop te kakken. Of is er meer aan de hand?

Het statuut van de vrouw

Als we hier de kaart van de humor trekken, heeft dat miss­chien wel ver­re­gaande gevol­gen voor het beeld van de vrouw. Daarover wordt van­daag de dag nog steeds fel gedis­cussieerd. Waar de vrouw vroeger heilig was – maar dan wel recht­en­loos; pas in 1948 ver­wierf zij het stem­recht – wordt zij van­daag nog steeds al te veel geob­jec­tiveerd. Het lijkt miss­chien banaal en irrel­e­vant, maar de kle­in­ste voor­beelden bewi­jzen het tegen­deel. Denk maar aan de onder­rap­por­ter­ing van aan­rand­ing, de loon­kloof, de onderverte­gen­wo­ordig­ing in de poli­tiek en de beeld­vorm­ing van de vrouw in reclame. Wan­neer we de prent van Bicky onder de loep nemen, valt ons al meteen de gelijke­nis op met de ruimere, hier­boven bespro­ken beeld­vorm­ing: de man met dom­i­nante blik en strak in het pak, de blonde vrouw in een sen­suele rode jurk die de volle borsten naar een hoger niveau tilt.

Het statu­ut van fem­i­niste wordt al te graag een negatieve con­no­tatie toebe­deeld, ter­wi­jl we ons ook kun­nen afvra­gen, wan­neer we tussen de lijn­t­jes door lezen, waarom het con­cept ‘fem­i­nisme’ in het lev­en is geroepen. Is het niet frap­pant dat dit über­haupt een con­cept waardig is? Uit­er­aard, een teken­ing is een teken­ing, maar we kun­nen onmo­gelijk gewoon aan haar con­se­quen­ties voor­bi­j­gaan: het bestendigt of ver­sterkt het beeld dat in de maatschap­pij heerst over de vrouw. Lat­en we de rollen eens omdraaien, zoals bij de par­o­die die de uit­bater van een Wevel­gemse ham­burg­erza­ak op ludieke wijze voor zijn reken­ing heeft genomen: de vrouw valt de man aan. Als hier, zoals verwacht, min­der sterk op gereageerd zou wor­den, bewi­jst dit dan niet gewoon de pre­caire posi­tie van de vrouw in onze samen­lev­ing?

De groene doos

Wat voor- en tegen­standers denken, lijkt duidelijk. Maar wat heeft onze stu­dentvrien­delijke Bicky in deze dis­cussie in te bren­gen? Naar eigen zeggen was het nooit de bedoel­ing om geweld te pro­moten of goed te keuren, maar om een stem­pel te drukken op hun ‘unieke’ ima­go. Het doos­je dat de vrouw de man gaf, was wit, waarmee men fri­t­uren wilde aan­ma­nen Bicky Burg­ers mee te geven in het daar­voor bedoelde groene doos­je. Het zou dus enkel een kwest­ie zijn van pro­fil­eren, niet van verde­len. Aan de andere kant wijst wat opzoek­ingswerk uit dat Bicky zijn hand er niet voor omdraait om ophef­mak­ende reclame te ver­sprei­den. Eerder was in dergelijke prenten te zien hoe een man een baby schopt en hoe een man met alzheimer Bicky Burg­ers kon bli­jven eten omdat hij ver­gat hoeveel hij er al bin­nen had, vergezeld door de hash­tag #tochéén­vo­ordeel. Het duurde toch een tijd­je voor de burg­ergi­gant reageerde op de ophef, maar de dag na de post werd deze alweer ver­wi­jderd en ver­van­gen door een verontschuldig­ing. Een wel­ge­meende, lat­en we hopen.